Saturday, October 01, 2011

Kanjers in de zorg

Afgelopen week was ik gedwongen ervaringsdeskundige in de zorg. Ik heb in het Diakonessenhuis in Zeist een tweede kunstheup gekregen. Voordat het zover was had het nogal wat voeten in de aarde. Overigens had ik die zelf omgewoeld, omdat ik bij de vorige heup een bacteriele infectie had opgelopen en ik wilde voorkomen, dat dat nog een keer gebeurde. Voor mijn keus heb ik dus alle lijstjes gebruikt die er verschijnen over de kwaliteit van de zorg en dan speciaal voor het onderhoud van het bewegingsapparaat. De eerste keus werd een gespecialiseerde, particuliere kliniek, die behoorlijk aan de weg timmert. Maar toen ik me daar meldde, wilden ze me niet hebben. Niet vanwege de bacteriele infectie, maar wel vanwege een vermeende hoge bloeddruk.

Dus moest ik verder zoeken en kwamen die lijstjes goed van pas. Natuurlijk geven ze niet meer dan schijnzekerheid, maar het zoeken moet toch enigszins gericht worden. Ik kwam dus terecht in het Diakonessenhuis in Utrecht, omdat zij vierde op mijn lijstje van tien stonden, een korte wachttijd hadden en redelijk bereikbaar waren. Toen ik me daar meldde met mijn infectie en mijn vermeende hoge bloeddruk maakten ze geen probleem. Tegen infectiegevaar kunnen ze weinig doen en die bloeddruk houden ze tijdens een operatie wel onder controle.

Dus werd ik maandag opgenomen en geopereerd en ben ik vijf dagen later al weer thuis voorzien van de tweede kunstheup. "De wond ziet er goed uit en u kunt u aardig redden met krukken. Wegwezen dus!" Voor alle zekerheid hebben ze me wel een zak vol pijnstillers meegegeven en injecties tegen de trombose.

Ik moet het nu dus redden in mijn eigen omgeving met hulp van mijn vriendin en fysiotherapeut. Het ziekenhuis zal ik niet missen. Wel de zorg en aandacht van alle verpleegkundigen, die dag en nacht klaar staan om je poep, pies en kots op te ruimen, je op te vangen als je het even niet ziet zitten, je onzekere vragen willen beantwoorden, je tot de orde roepen als je te veel en te snel wilt, je aanmoedigen, een hart onder de riem steken, als je bij de pakken neer gaat zitten. Het deed me goed dat ik veel jonge verpleegkundigen aan mijn bed heb gezien.

Thursday, September 22, 2011

Huizer Week

Mooi eigenlijk zo'n Huizerweek met in het eerste weekeinde de Huizerdag in het Oude Dorp en in het tweede de Huizer Botterdagen in de Haven. Feest op het Oude Raadhuisplein en het Zuiderzee Jazz festival. Voor tussendoor de tentoonstelling van de grote werken van Pieter Hogenbirk en Peter Kos in het Huizer Museum. Beide dagen trokken veel bekijks. En dat waren niet alleen Huizers. Veel mensen van buiten die weten dat het gevoel van gezelligheid weer even terug is. Het gemeentebestuur zou er blij mee kunnen zijn. Ik heb geen flauw idee hoe de discussie over verdeling van evenementengeld is afgelopen, maar de Huizerweek moet blijven!




De foto's zijn van Charlotte Fontein.

Friday, September 16, 2011

Alzheimer en euthanasie

Na het schrijven van Het is zoals het Is over de vriendschap met mijn goede vriendin die Alzheimer heeft, word ik door velen gevraagd naar mijn standpunt over euthanasie bij Alzheimer. Tot nu toe moet ik het antwoord schuldig blijven. Ik weet het doodgewoon niet. Niet voor mijn vriendin en al helemaal niet ten aanzien van mijzelf. Ik vind het een allesomvattende vraag over leven en dood en daarover ben ik nog lang niet uitgedacht. Je zal er maar voor staan!

Tegenwoordig mag er openlijk gesproken worden over de toepassing van euthanasie bij een beginnende ziekte van Alzheimer. Zodra de diagnose is gesteld en de patient zelf kan aangeven dat hij de ziekte niet wil “meemaken”, kan hij een arts verzoeken een eind aan zijn leven te maken. Algemeen wordt geaccepteerd dat de ziekte van Alzheimer ondraaglijk lijden veroorzaakt. Maar is dat ook zo?

Het begrip “ondraaglijk lijden” is in het geval van Alzheimer nogal tijdgebonden, bewijst socioloog Hugo van der Wedden in een lezenswaardige analyse van ziekte en lijden bij de ziekte van Alzheimer. Hij stelt de vraag waarom cognitieve degeneratie in de ouderdom, ooit een normaal, haast vanzelfsprekend fenomeen, veranderd is in een ernstige hersenziekte? Welke ontwikkelingen liggen daaraan ten grondslag?

Hij gelooft dat de ziekte van Alzheimer om cognitieve degeneratie in de ouderdom een mal heeft gevormd die op een comfortabele wijze aansluit bij onze westerse beleving van het leven. Het lijden van Alzheimerpatiënten kun je grotendeels sociaal duiden. Mensen verliezen de controle over hun drifthuishouding en voldoen steeds minder aan de geldende gedragsstandaard. Het is schaamtevol om telkens door de mand te vallen en niet meer aan de verwachtingen te kunnen voldoen. De angst om in aanzien te dalen en liefde te verliezen, zoals Norbert Elias een gevoel van schaamte omschrijft, is buitengewoon reëel. Vrienden haken af. Patiënten worden door hun partners binnengehouden om gezichtsverlies te voorkomen. Buitengewoon pijnlijk voor de patiënt is de wetenschap dat hij in de nabije toekomst een ernstige last zal zijn voor zijn naasten.

De verschuiving in het denken over euthanasie en Alzheimer kan worden gezien als het resultaat van een emancipatoir proces. Vroeger noemden we opa en oma seniel of kinds en plaatsten we ze in een hoekje, waar ze geen kwaad konden doen. Nu heeft de Alzheimerpatiënt een stem gekregen en naar die stem wordt steeds vaker geluisterd. We lezen in boeken en zien in films hoe verschrikkelijk de aftakeling is. Tegelijkertijd speelt de kwaliteit van de ouderenzorg een belangrijke rol. Door vergrijzing en het krimpen van de beroepsbevolking is onze cultuur van zorguitbesteding praktisch onhoudbaar. Binnen deze context heeft euthanasie als gevolg van Alzheimer veel weg van een cultureel pragmatische oplossing: de patient een eervolle dood, de naasten de vrijheid om te leven.

De beginnend Alzheimer patient die de dood verkiest, ontloopt de schaamte en het verlies van aanzien dat met dementie gepaard gaat. Men laat wellicht het leven, de eer blijft behouden, net als de liefde en de achting van de naasten. Dat euthanasie binnen onze cultuur als moedig en aanzienswaardig wordt gezien versterkt dit beeld. Een waardige dood komt recht tegenover een leven te staan dat zich kenmerkt door een verlies van status.

In Het is Zoals het Is laat ik mijn eigen worsteling zien met de gevolgen van de ziekte in de vriendschap met een dierbare die zich steeds verder terugtrekt in een voor mij onbegaanbare wereld. Het behoud van de vriendschap heeft mijn denken over leven en dood totaal op zijn kop gezet. Zoveel weet ik zeker. Ik heb altijd wel geweten dat aftakeling onlosmakelijk bij het leven hoort. De cirkelgang van het bestaan. Regelmatig doet het gedrag van mijn vriendin me denken aan de kleinkinderen.

Monday, September 12, 2011

Kleurrijke Huizerdag


De Huizerdag is voor Huizers! De Huizerdag verbroedert. Veel mensen aan de kraam die wilden vertellen over hun jeugd in Huizen, waar ze school waren gegaan, waar ze speelden. Veel belangstelling voor de verjaarskalender met mooie oude foto's. Veel vragen over behoud van het karakter van het Oude Dorp. Nog steeds veel ontzetting over de sloop van de zogenaamde Van der Roest panden.

Voor ons in de kraam was het ook kleurrijk, want aan de overkant stonden mensen van de stichting MauTeri, die aandacht vroegen voor de "vergeten eilanden" in de zuidwest hoek van de Indonesische archipel en die heerlijke sateh verkochten. Ook kleurrijk was het weer, want sinds lange tijd scheen de zon weer eens.

Een kleurrijke dag, maar toch ontbrak er wat. Wij stonden aan het einde van de Achterbaan tegenover het Huizer Museum. Daar liep het af. Mensen konden niet een rondje lopen bijvoorbeeld door de Hellingstraat naar Zeeweg en Voorbaan. Dat zal wel iets te maken hebben met de verkeersafwikkeling, maar voor het gevoel was het niet rond. En ik heb de muziek gemist. Ik kan me jaren herinneren dat er dweilorkesten, chantikoren, fanfares rondliepen. Willen ze niet meer of hebben ze de Achterbaan niet gevonden.

Op naar de Botterdagen van 16 en 17 september a.s.

Tuesday, September 06, 2011

De laatste zomergast

Als de zomergasten zijn vertrokken is de winter nabij. Een blik naar buiten waar de regen zwiept tegen de ruiten bevestigt mijn sombere vermoeden. Tijd voor een terugblik? VPRO's zomergasten vormden lange tijd een van de hoogtepunten van het televisieseizoen. Maar de laatste jaren is dat veranderd. Dat ligt aan de presentatoren, die je in dit verband trouwens gastheren moet noemen. En het zijn van gastheer vraagt bijzondere kwaliteiten, die niet iedereen van nature heeft.

Het begon met Joris Luyendijk die veel beter met de pen is dan met de microfoon. Maar van de laatste drie was hij duidelijk de beste, omdat hij de vinger op zere plekken kan leggen. Het dieptepunt was Margriet van der Linden, die erbij zat alsof het haar allemaal te veel was. En nu twee jaar Jelle BC. Wij hadden er veel van verwacht. Zijn reportages uit het uitgestrekte Rusland hebben wij met veel plezier bekeken, omdat hij regelmatig bij vreemde figuren met een verhaal op bezoek ging. Maar zittend achter een tafel met microfoon is Jelle niet veel meer dan een aardige jongen. Daar is overigens niets mis mee als de gast zelf wat te vertellen heeft. De uitzending met mevrouw Lilian Goncalves had geen gastheer nodig. Maar als de gast in toom gehouden moet worden, zoals Guy Verhofstad of een kritisch weerwoord moet krijgen, zoals Dick Swaab, is het kinderlijk aardige niet meer dan aandoenlijk.

Volgend seizoen dus maar weer eens een ander proberen, zou ik zeggen. En ik ga hier niet zeuren over de terugkeer van Peter van Ingen of Adriaan van Dis, alhoewel ik wel geniet van die ijdeltuiten die er altijd iets van willen maken. Er zijn nog veel meer ijdeltuiten. Wat te denken van Hans G. die nu Andere Tijden presenteert?

Thursday, September 01, 2011

Met dank voor het aangenaam verpozen

Eindelijk weten we in Huizen NH wat het is, een dorp met een dorpsplein!
Het dorp waar ik nu al bijna veertig jaar woon heeft eindelijk een echt dorpsplein. De ruimte was er al, maar het was kaal, ongezellig en met uitzondering van marktdag helemaal leeg. Na de opknapbeurt is het oneindig veel beter. Vooral overdag. Er spuit speels een fontein, er staan fiere bomen, er zijn terrassen waarop het goed toeven is. Het heeft lang geduurd, maar nu is het er ook. Zodra de zon zich laat zien in deze kille natte zomer zitten de terrassen vol en klinkt de schaterlach van de schoolkinderen die spelen met het water. Niks te klagen? Natuurlijk wel. Anders had ik dit stukje niet geschreven. De loftrompet steken laat ik anderen over. ´s Avonds en op zondag is het plein nog even verlaten als het altijd is geweest. En nog steeds is er niet een fatsoenlijk café waar je je vrienden mee naartoe kunt nemen. Dat is nog wel te overkomen. Ergerlijker is de troep die de schooljeugd achterlaat na de middagpauze. Op woensdag rond twaalf uur hebben we er een foto van gemaakt. Het plein is van ons allemaal! Het is leuk dat de jeugd ook geniet van de gezelligheid. Maar dan moet het toch ook een kleine moeite zijn om even je rotsooi op te ruimen, als je weer naar school moet. Kom joh, gewoon even opruimen. En als dat toch te moeilijk is, is het dan niet een idee dat leerkrachten raddraaiers bij wijze van taakstraf het plein laten opruimen. Vuilniszak mee, want aan afvalbakken is een groot gebrek.

Friday, August 26, 2011

Spiegeldoos

Toen ik nog jong was en vol levenslust, verzuchtte ik dikwijls dat het leven me te snel ging om het te echt te beleven. Ik dacht toen dat de oplossing zou zijn om mijn rug naar de toekomst te keren en veel terug te kijken. Ik begon met het schrijven van mijn dagboeken. Maar het leven raasde voort en voort en voort. Vaak holde ik er hijgend achteraan.

Nu ik ouder ben en de grens van vijfenzestig gepasseerd, heb ik alle tijd om achterom te kijken. Dat doe ik graag en dikwijls met hulp van mijn dagboeken en mijn foto's. Natuurlijk weet ik drommels goed dat er ook een toekomst is met aan de horizon het levenseinde. Je moet wel stekeblind zijn of horend doof om dat weg te stoppen of te negeren. De tijd die rest zal het leven wel invullen.

Maar het is niet eenvoudig om aan dat levenseinde een vorm te geven, merk ik, nu ik aan de slag ben met de Uitbox van Swaab. Ik moet nu allerlei vragen beantwoorden, waar ik nog niet over nagedacht heb en waar ik het antwoord niet op weet. Wil ik mijn lichaam ter beschikking stellen van de wetenschap of wil ik mijn werkende organen doneren? Wil ik euthanesie of palliatieve sedatie? Wat moet er met foto's, mijn dagboeken, de kunst aan de muur als ik er niet meer ben? Ik zal u de rest van mijn vragen besparen.

Wat ik wel merk is dat het denken en het praten over het einde het leven op een verrassende manier verrijkt. Dat terugkijken gebeurt nu als het ware vanzelf. Want om die vragen te beantwoorden, moet je eerst weten wat belangrijk voor je is. En nu er ook een spiegeldoos in de maak is om al die waardevolle antwoorden in op te bergen, vallen leven en dood samen in een beeld.

Sunday, August 21, 2011

Ze is er nog


Nog steeds gaan we iedere veertien dagen bij haar op bezoek. We hanteren voor die bezoeken een vast patroon. Bij binnenkomst in het huis maken we een praatje met de mevrouw van de receptie, die ons iedere keer blij begroet. "Ik ben aan jullie gehecht geraakt", zei ze de laatste keer. Wij aan haar. Als er nieuwtjes zijn, vertelt ze ze ons. Van haar hoorden we dat er een nieuwe muziektherapeut is. Vroeger toen Fransje nog veel meer uithuizig was, kon ze ons haarfijn uitleggen aan de hand van het GPS-systeem waar onze vriendin uithing. Dat hoeft nu niet meer. Fransje heeft wat rust gevonden. Meestal loopt ze al op de gang als wij haar afdeling betreden. Gisteren leek het zelfs even of ze ons had verwacht. Er trok een brede glinmlach over haar gezicht, toen ze ons ontwaarde in de deuropening.

Nadat we op haar kamer haar wandelschoenen hadden aangetrokken en we naar de wc waren gegaan, konden we vertrekken. Het klinkt simpeler dan het in werkelijkheid is, maar waarom moeilijk doen? We zijn blij elkaar te zien en laten ons dat plezier door kleine tegenslagen niet afnemen. Buiten steken we de armen in elkaar en wandelen in een stevig tempo naar ons stamcafé. We hebben wel eens overwogen elders het vertier te gaan zoeken, maar voor onze vriendin is dat niet nodig. Haar appeltaart en verse jus d'orange smaken iedere keer als nieuw. Zij blij, wij ook blij.

Na het bezoek aan het stamcafé wandelen we terug. Op het bankje voor het huis, halen we de liedjes uit de rugzak om zingend de dag af te sluiten. Gisteren had ik twee nieuwe meegenomen: Het veer van Drs. P. en De Monniken op de heuvel van Jaap Fischer. Wij zorgen voor de tekst. Onze vriendin voor het heldere stemgeluid. Dit bevalt ons alledrie goed. Overigens vindt ze het gemakkelijker als ze niet naar de tekst op het blaadje hoeft te zoeken, maar de melodie mag zingen op haar eigen manier.

Gesprekken zoals wij die kennen, kunnen we niet meer voeren. Ze verwarren haar, omdat ze benadrukken wat ze niet kan. Maar gisteren ontspon zich een uitwisseling van zinnen, die verdacht veel leek op een gewone conversatie. Mijn vriendin wees ons op iets in de vijver en zei met een zekere stelligheid, dat ze dat niet meer wilde. Ik knikte wijs en antwoordde dat ik dat wel begreep. "Zou ik ook niet willen." Ze keek me tevreden aan. "Wie zou dat wel willen?", vervolgde ik. "Zou jij dat willen?", vroeg ik aan Die Dritte im Bunde. Natuurlijk wilde die het ook niet. "We willen een heleboel wel, maar dit niet." En zo kabbelde het gesprek nog een poosje voort, totdat het verdrietige moment was aangebroken om afscheid te nemen. We verzekeren elkaar dat we er over veertien dagen weer zijn.

Tuesday, August 16, 2011

Een mevrouw waar je U tegen zegt

Jelle Brandt Corstius, tweede jaars gastheer van Zomergasten, had tevoren geen afspraak gemaakt met zijn gast van afgelopen zondag over het tutoyeren. De hele avond heeft het hem dwars gezeten. Hij was al op weg met "U", toen hij haar vroeg wat zij wilde. Na wat heen en weer gepraat, besloten ze elkaar te tutoyeren. Hij kwam er tijdens de uitzending achter, dat ze daar iets te groot voor was. Overigens heeft zij er geen last van gehad. Zij lachte minzaam bij het geschutter van haar jonge gastheer.

Het was een echte Zomergastenavond zoals die oorspronkelijk bedoeld is. De fragmenten leren ons de gast kennen. Net zoiets als "toon me uw boekenkast en ik weet wie u bent". Deze minzame, erudiete mevrouw, die zo duidelijk kan uitleggen waar de Raad van State voor bedoeld is, houdt van mensen die een droom koesteren. Ze begon met een fragment uit Fitzcarraldo van Werner Herzog over Brian Sweeney Fitzgerald oftewel ‘Fitzcarraldo’. die bevangen is door het idee een operahuis te bouwen in zijn Peruaanse woonplaats Iquitos, zodat de grote operazanger Caruso daar ooit eens zou kunnen optreden. Haar keuzefilm was even verrassend, namelijk de omstreden Pasqualino Settebellezze, oftewel Seven Beauties uit 1975. Een waagstuk over wat men bereid is op te offeren om te overleven.

Dit is Zomergasten zoals ik het graag zie. Een gast die iets te vertellen heeft, die me aan het denken zet, met fragmenten die me verwonderen. En een interviewer of gastheer die niet in de weg zit.

Thursday, August 11, 2011

Eindeloos leven

Gisteren riep een futuroloog in Uitgesproken WNL dat niets een eindeloos leven in de weg staat. Ik spitste de oren net als de interviewer. Hij liet het de futuroloog herhalen. Zonder enige schroom verklaarde die, dat het wetenschappelijk mogelijk is om de dood over te slaan. Hoe onze wereld er dan uit zou zien kon hij moeilijk uitleggen. Daarvoor schoot zijn voorstellingsvermorgen tekort. Maar daar ging het hem ook niet om. Het kan! Hieperdepiep hoerah voor de waardevrije wetenschap.

Hoe is het toch mogelijk dat mensen zulke onzin blijven verkopen? In het journaal zien we Engelse kansarme jongeren plunderend en vernielend tekeer gaan. Hoe in de Hoorn van Afrika miljoenen mensen sterven van honger. Leden van het kabinet Rutte met hun aanvoerder voorop kunnen niet uitleggen waar al die miljarden vandaan moeten komen om eurolanden te redden. Iedereen is erg nerveus of de wereld het wel zullen redden en ondertussen beweren dromers dat wij het eeuwige leven hebben. En alleen maar omdat de egocentrische westerse mens, die nergens anders meer in gelooft dan in zichzelf, denkt dat met geld de dood is te verjagen.

Kunnen we die idioten niet de ogen openen?
.

Sunday, August 07, 2011

Vreemdheid bestrijden

Het COC is een actie gestart om het kabinet te bewegen voorlichting op scholen over homoseksualiteit verplicht te stellen. Dat is hard nodig, omdat homojongeren het zwaar hebben op school. Schelden en pesten is schering en inslag, zelfmoordcijfers liggen veel hoger dan bij heterojongeren. Tweederde van de scholieren hoort nooit iets in de les over homoseksualiteit, de anderen weten het uit de biologieles. Het COC wil dat de voorlichting wordt gegeven aan het einde van de lagere school. Dan staan jongeren nog open voor alles wat anders is. De Tweede Kamer wil het ook, maar het kabinet en met name CDA minister Marja van Bijsterveldt vindt het niet nodig. Die vindt trouwens ook nog steeds dat weigerambtenaren aangesteld kunnen worden. Wel meevaren in de canal parade, maar verder je ogen dichtdoen. Als ik had meegevaren, had ik haar een duwtje gegeven.

En denk niet dat de petitie niet hoeft, omdat u zelf zo veilig tolerant bent. Gewoon tekenen op de website van het COC.

Tuesday, August 02, 2011

Swaabland

Swaabland is de wereld volgens Dick Swaab, de auteur van de bestseller Wij zijn ons Brein. Overigens vraag ik me af hoeveel kopers het boek ook echt hebben gelezen. Swaabland is een simpele wereld, zoiets als het stratenpatroon van een Amerikaanse stad. Swaabland is een wereld gedomineerd door ons brein. Want alles wat wij zijn en doen is volgens Dick Swaab voorgeprogrammeerd. Daar begin en eindigt Swaabland. Het is dus ook een troostrijke wereld, want zelf kunnen wij weinig veranderen aan het programma wat ons is gegeven.

Jelle Brandt Corstius verzuchtte aan het einde van de lange avond Zomergasten, dat hij wat blij is dat hij niet kan en wil geloven in het ontbreken van de vrije wil. Zijn gast lachte fijntjes, zoals hij dat de hele avond deed. Als wij het nodig hebben om ons leven geur en kleur te geven, mag dat van hem. Maar hij weet wel beter!

Toch kan Swaab niet alles verklaren met hersenonderzoek. Dat wil hij ook niet, werd gaandeweg duidelijk. Hij houdt zijn wereldbeeld graag simpel en daarom is hij ook zo gewild in deze complexe wereld. Ik heb er wel van genoten, hoewel ik beter weet.

Saturday, July 30, 2011

Wie weet wat dit is?


We zagen dit prachtige witte bloempje op de slikken van Flakkee. We dachten dat we in ons plantenboek snel zouden kunnen vinden wat het is. We zochten bij ranonkelachtigen, maar vingen bot.

Tuesday, July 26, 2011

Pina van Wim Wenders


De 3D film PINA van Wim Wenders is een absolute aanrader voor iedereen die van dans houdt. Wat een kracht, wat een overgave, welk een expressie. Er zijn beelden van Pina Bausch dansend in Café Müller.

Extra is dat de film in 3D is gemaakt, waardoor je er middenin zit, deel van uitmaakt, zonder ook maar een pas te kunnen verzetten.

Niet aarzelen, maar gewoon gaan zien. Onvergetelijk.

Een voorproefje: Le Sacre Du Printemps

Wednesday, July 20, 2011

Swaab en mijn seksualiteit

Al jarenlang ben ik op zoek naar de oorzaken van mijn homoseksualiteit. Is het mijn vader of mijn moeder, of zijn ze het misschien samen? Mis ik iets of heb ik juist iets teveel? Of is er in mijn gevoelige jaren iets vervelends gebeurd, dat ik slecht heb kunnen verwerken? Sinds het lezen van Wij zijn Ons Brein van Dick Swaab heb ik het begin van een antwoord. Het is eigenlijk heel simpel.
Swaab zegt dat de seksuele orientatie van ieder mens voor vijtig procent wordt bepaald door erfelijke factoren (de genen) en voor de andere vijftig procent door de aan- of afwezigheid van chemische stoffen en hormonen. Meisjes bijvoorbeeld die een afwijking van de bijnierschors hebben, waardoor ze testosteron ontwikkelen, hebben een grote kans homo- of biseksueel te worden. Ook het gebruik van nicotine of amfetamine schijnt van invloed te zijn op de seksuele oriëntatie. Hij brengt het met zoveel stelligheid dat ik er niet aan durf te twijfelen. Nog een opmerkelijke zienswijze, in een gezin met meerdere jongens, hebben de laatstgeborenen een grotere kans op biseksuele of homoseksuele oriëntatie dan de eerstgeborenen. De oorzaak is de groeiende afkeer van de moeder voor het mannelijk testosteron. Heus het staat er echt.

Hersenonderzoek heeft aangetoond dat de hersenen van homoseksuelen er anders uitzien dan de hersenen van heteroseksuelen. Swaab somt de afwijkingen op, maar geeft er geen betekenis aan. Althans die heb ik nog niet gevonden. Er valt nog veeI te onderzoeken, denk ik. Interessant is het allemaal wel. Vooral omdat Swaab de uitkomst van hersenonderzoek koppelt aan maatschappelijke acceptatie van vreemd gedrag. Want ook pedofilie vindt zijn oorsprong in de hersenen.

Swaab meet seksuele oriëntatie op de schaal van Alfred Kinsey. De 0 staat voor onverdacht heteroseksueel, de 6 voor homoseksueel.

Mijn homoseksualiteit is dus erfelijk, althans volgens Swaab. Mijn moeder gebruikte geen gevaarlijke stoffen en ook geen hormonen en bij mij is nooit een afwijking van de bijnierschors geconstateerd. Ik kan er dus niets aan doen, als ik dat al zou willen. Ik ben volmaakt tevreden met de 6 op de schaal van Kinsey, alhoewel ik me drommels goed realiseer dat het alles te maken heeft heeft met het leven in een vrij land. Ik ga er maar van uit dat dit nog even duurt nu Wilders zijn pijlen op andere bevolkingsgroepen heeft gericht.

Thursday, July 14, 2011

Ma Vie en France -VI Herta Muller en Vasalis

Omdat we in het huis in Jarjat geen televisie hebben en geen internet, hebben we zeeën van tijd om te lezen. En dat doen we dan ook! Ik las de biografie van Elsschot, Wij zijn ons Brein van D. Swaab, de biografie van Vasalis, Nemesis van Philip Roth. Allemaal heel erg boeiend, maar het mooist is De Koning Buigt de Koning Moordt van Herta Müller. Niet een gemakkelijk boek, maar wel een boek dat je de strot dichtknijpt. Helemaal passend in de filosofie van Herta Müller, dat als je niets te zeggen hebt, je beter je mond kunt houden. Mensen die hun mond niet open doen, hebben meer te zeggen dan mensen die hun ziel en zaligheid bij iedere gelegenheid op tafel leggen. Laat er vooral toch iets te raden overblijven.

Wij gingen op zoek naar de betekenis van De Koning bij Herta Müller? Ze maakt in haar essays duidelijk dat in de dictatuur waarin zij leefde (Roemenië) het taalgebruik verhullend moest zijn. Je kon niet openlijk over de gruwelen van de dictatuur schrijven. Het begrip koning moet iets te maken hebben met ongecontroleerde macht die altijd dreigend maar ongrijpbaar aanwezig is. Maar waarom dan Koning en niet Wolf bijvoorbeeld? Omdat er in de Wolf niets menselijks zit en de schrijfster duidelijk wil maken dat wij mensen elkaar dit aandoen. De dictatuur is niet één mens, maar is wel van de mensen. Het is alomvattend. Het vergiftigt de samenleving. Op het platteland is het dreigend monster van de dictatuur net zo aanwezig als in de stad. Alleen krijgt hij op het platteland een ander gezicht. Op het platteland lijkt de dictatuur vriendelijker en meer op de achtergrond. In de stad moordt hij. Zoiets, of misschien nog niet helemaal, maar wel een eind op weg. Nog een keer lezen!

Voor Herta Muller zijn poëzie en proza niet zo verschillend als voor Vasalis. Zij wikt en weegt elk woord dat ze gebruikt, waardoor haar teksten af en toe wonderlijk mooi zijn en erg beeldend. Bijvoorbeeld het beeld van de tederheid tussen het kind en de moeder. Iedere morgen als het kind naar school gaat, vergeet het haar zakdoek, zodat de moeder haar liefdevol terug kan roepen. “Heb je je zakdoek?”. Woorden verhullen wel veel en dat is wat Vasalis bedoelt. Woorden zijn constructen. Tussen de vorm en de betekenis kan veel vals licht zich verschuilen. Aan de droom en het gedicht die in een beeld of stroom geconcipieerd worden, komt geen verstand te pas. Daar gaat het Vasalis om en eigenlijk willen beide schrijfsters dus hetzelfde, namelijk het kale, directe en eerlijke woord of beeld.

Friday, July 08, 2011

Ma Vie en France V - terug in de tijd

In het huis in Frankrijk hebben we water uit de bron, net als onze boeren. Gezond en zuiver water. Niks mis mee. Maar nu heeft de gemeente St Jean waar wij toe behoren bedacht dat wij "eau de ville" krijgen, waterleiding dus. De boodschap overviel ons. We besloten ons licht op te steken bij de mairie van St Jean tien kilometer verderop en twee middagen per week geopend.

Iedere mairie in Franjrijk is te herkennen aan de tricolore die aan de gevel hangt. Ook de mairie van St Jean. De deur stond open toen wij ons meldden. We moesten wachten in een smal en donker gangetje met zicht op de spreekruimte, omdat er andere mensen geholpen werden. Toen wij binnen mochten komen, zagen we achter een hoge, ouderwetse toonbank links een jonge mevrouw in het keurig zwart en rechts een forse meneer, die we herkenden als de de burgemeester. Owen hem ons beschreven: “een lelijke, forse man met wilde haren”. Groot was hij, lelijk is betrekkelijk. Opvallend was hij wel met een rood hemd aan, een bril aan een touwtje om zijn hals en zijn lange, ongekamde haren. Burgemeester is in een gemeente van de grootte van St Jean een bijbaan. Ook alweer van Owen hadden we gehoord dat de man in het dagelijks leven ecoloog is.

De mevrouw die wij identificeerden als de secretaris stond ons als eerste te woord. Het klopte. Jarjat krijgt in het voorjaar van 2012 eau de ville, een aansluiting op de waterleiding van St Jean, die overigens ook gevoed wordt door een bron. Wij vroegen verder naar kosten, kwaliteit van het water, de continuiteit van de levering en de verplichting tot aansluiting. De burgemeester wilde ook wel wat zeggen. Hij zat daar uiteindelijk niet voor pierre-snot, zeker niet tegenover de vraaggrage vrouwen uit Nederland. Hij pakte een papiertje en tekende met potlood de contouren van een huis en daaromheen een perceel. Aan de rand van het perceel plaatste hij het aansluitpunt. Je hoeft de aansluiting niet te gebruiken, maar als die er zit, betaal je jaarlijks € 120 abonnement. Er ging ook een bedrag over tafel voor een kubieke meter geleverd water. Ik dacht € 70 te horen, maar achteraf lijkt ons dat wat veel, hoewel mevrouw secretaris op mijn briefje keek toen ik het noteerde. Hoort het bij de Franse beleefdheid om dan niet te waarschuwen dat het niet goed verstaan is? Heeft ze soixante-dix cent gezegd. Ik denk het eigenlijk wel. Maar de bedragen vallen te controleren op de formele aanbieding die we binnenkort krijgen. We hebben hem maar naar ons adres laten sturen. Gek eigenlijk dat noch de secretaris noch de burgemeester hebben gevraagd welk huis in Jarjat we bewonen.

Toen we weer buiten stonden hebben we een moment genomen om lucht te geven aan onze verbazing. Want kom er maar eens om: een gemeentehuis dat twee middagen in de week secretaris en burgemeester eendrachtig het volk ontvangen om allerhande vragen te beantwoorden. Lijkt het niet een beetje op het vroegere Huizen dat Ger en ik hebben opgediept uit de raadsnotulen van 1900-1925? Huizen had toen ongeveer drieduizend inwoners, dat heeft St Jean misschien ook. Verder houdt de vergelijking op. De burgemeester van St Jean was een gewoon mens.

Saturday, July 02, 2011

Ma vie en France IV - de tijd

Twee dagen geleden reed onze klusjesman Owen langs om naar de lekkende kraan in de spoelkeuken te kijken. Hij had zijn moeder meegebracht, die hij vol trots wilde laten zien wat hij in het huis heeft verbouwd. Ineens en onaangekondigd stond ik tegenover de oude mevrouw Wagenaar. Een klein, kittig, goed geconserveerd vrouwtje van minstens tachtig. Misschien wel net naar de kapper in Vernoux geweest. Zij droeg een handtas, die ze bij het uitstappen stevig vasthield. Terwijl haar zoon en mijn vriendin naar de lekkage keken, zaten zij en ik tegenover elkaar op het terras. Twee volslagen vreemden die tot elkaar waren veroordeeld. Waar begin ik? Tot mijn eigen verbazing vermeed ik het tutoyeren. In mijn ogen behoorde zij tot een oudere generatie dan ik. Ik moest er wat om grinniken, omdat ik me ineens realiseerde dat ik over nog geen maand vijfenzestig word en zij misschien maar vijftien jaar ouder is dan ik. Maar ze is wel de moeder van Owen en haar hele verschijning schiep een oneindige afstand.
Ik vroeg haar of ze iets wilde drinken, koffie of thee of limonade, en ze antwoordde dat ze genoeg had aan een glas water. Toen ze vertrok stond dat trouwens onaangeroerd op tafel. Terwijl ik haar indringend opnam en zag dat ze een net kanten bloesje droeg, boven een keurige rok en ditto schoenen, vroeg ik me af hoe zij naar mij zou kijken. Ze zou me niet gemakkelijk kunnen plaatsen. Ze had me onlangs voor het eerst gezien, toen Ger en ik haar en haar zoon tegenkwamen tijdens een wandeling over de weg en zij een kijkje in het huis van de Hemminga’s hadden genomen, dat Owen ook heeft verbouwd. Misschien heeft Owen haar toen iets over Ger en mij verteld, maar misschien ook niet. Als hij al iets heeft verteld, zal het weinig zijn. Hij is niet zo spraakzaam. Dus ze moest het met haar eigen waarneming doen. Wat zag ze? Ik liep in mijn werkkloffie: een pofbroek met een wijd t-shirt vol vlekken, ongekamde haren op afgetrapte gympen. Niet bepaald het type uit haar kringen. Speelde mijn leeftijd een rol in het beeld? Hoorde ik meer bij de leeftijdsgroep van Owen en Rianne, of zag ze mij als een leeftijdsgenoot.

Weet je wat ik denk. Dat het haar allemaal geen jota interesseerde. Dat zij helemaal niet met dit soort vraagstukken bezig is. Dat zij Stil de Tijd van Joke J. Hermsen – niet heeft gelezen en ook nooit zal lezen. En dat zij ook niet weet, dat ik dat wel heb gedaan en nu met het boek in mijn achterhoofd naar haar heb gekeken en nog erger dit verhaaltje heb geschreven.

Tuesday, June 28, 2011

Het grut








De kleinkinderenL
Links Youn van Elise en Marc, bijna anderhalf jaar oud.
In het midden Olivia van Rita en Dik, 5 maanden.
Rechts de jongste spruit Sasha van Elise en Marc, net geboren.

Als je op de foto klikt wordt die groter.

Thursday, June 23, 2011

Nieuw Kleinkind!!!

Voor iedereen die is geïnteresseerd in mijn persoonlijk wel en wee een heugelijk bericht: vandaag is geboren het tweede kind van Elise en Marc, en het derde kleinkind van mijn vriendin Gerda. Moeder en kind maken het goed. Grootmoeder is blij!

Vandaag is ook de dag dat ik mijn eerste AOW kreeg. En de dag dat Geert Wilders en zijn kornuiten werden vrijgesproken van discriminatie en haatzaaien. De vrijheid van meningsuiting kent grenzen, maar die worden niet getrokken door de rechters, maar door de deelnemers aan het maatschappelijk debat zelf. Adel verplicht!

Sunday, June 19, 2011

Ma Vie en France, deel III - Markt in Lamastre


We hadden ons zorgvuldig voorbereid op een ontmoeting met oude bekenden. Als ze er zijn, slaan we een uitnodiging om langs te komen af, hadden we elkaar voorgehouden. We zeggen dat de kinderen komen en dat we niet weten wanneer ze weer vertrekken. Maar ze waren er niet. Wel veel andere landgenoten. Die hadden zoals altijd domicilie gekozen op een terras aan de zonzijde van het marktplein en zitten daar vooral om elkaar te ontmoeten. Ik wilde er dit keer niet bijhoren en dus kozen we een terras aan de zuidzijde, waar de zon niet zou komen. Daar zaten overigens ook landgenoten, maar minder opzichtig en luidruchtig. Overigens pik je ze er wel direct tussenuit, omdat ze zo weinig Frans zijn. Ze dragen de verkeerde kleding, zoals kleurige fleecen en witte broeken. De kinderen lopen slungelig in shorts, omdat ze niet weten dat het hier serieus fris kan zijn in het voorjaar. Ik vraag me bij dit soort mensen altijd weer af, wat ze hier komen zoeken. Ze zien er niet uit als wandelaars of natuurliefhebbers en ik zou ze eerder verwachten op een camping aan de Middellandse Zee. Vermoedelijk houden ze het na deze eerste keer voor gezien. Te veel natuur, te veel rust, te weinig vertier. Op Paasmaandag kun je niet eens fatsoenlijk uit eten!

De markt in Lamastre betekent voor veel bezoekers zien en gezien worden. Er wordt heel wat afgezoend en handen geschud. Of dat nou buitenlandse Fransen zijn, die een tweede huis in deze streek hebben, of locaux die elkaar een keer in de week op de markt tegenkomen? De nummerborden van de auto’s op de parkeerplaats, die trouwens dit keer gratis was, wijzen op een mengeling. Veel 07-borden maar ook een ratjetoe aan andere nummers. Kennelijk is het in Frankrijk voorjaarsvakantie. In dit voorjaar is de markt niet een toeristenmarkt. Weinig snuisterijen, veel nuttige spullen, zoals plantjes en kruiden voor de moestuin, groenten en fruit, kazen en worsten. En de gebruikelijke kramen met kleding. Ger kocht een pet voor € 10 en we gingen op zoek naar een tafelzeiltje voor de huiskamer. Dit was niet de eerste keer dat we het probeerden en ook nu mislukte het weer. Misschien maken we het ons ook niet gemakkelijk. We zoeken een boerenzeiltje, maar het moet wel stijl hebben. Moeilijke combinatie blijkt steeds opnieuw. Want ook in Nederland wil het niet erg lukken. De marktkoopman van de stoffen praatte de blaren op de tong, maar hij kon niets tonen wat wij aantrekkelijk vonden. Ook de hulp van zijn vrouw veranderde daar niets aan.

Er is ook altijd veel vreemd volk op de markt van Lamastre. Nu zat bij de fontein een good looking boy met bord “J’ai faim, aidez moi”. Ik kan maar niet geloven, dat dit serieus gemeend is. Vroeger toen Charlotte en Annelies ergotherapie studeerden werden studenten er wel eens op uitgestuurd om ervarend te leren hoe vervelend het is als je in een rolstoel zit en mensen willen je niet als een gewoon mens behandelen. Misschien is dat joch met bord ook wel een student, die erop uit is gestuurd om het aan den lijve te ondervinden. Misschien schrijft hij wel een boek over honger. Wie zal het zeggen. Ik heb nog even achterom gekeken, en heb niet gezien dat iemand medelijden met hem had.

Verder slenteren er nog steeds over de markt veel Jezus-achtige figuren met lange haren, lange rokken en lange gezichten. Meestal hebben ze ook de Jezus-achtige leeftijd. Ze lijden aan de wereld en willen dat laten zien in hun alternatieve dracht. Ik zag ook oudere mensen die zich niet hebben aangepast. Bij het begin van de markt stond een sterke vrouw van begin zestig met dik vest en dikke broek met een opvallend kapsel. Bovenop was het haar wit-geel geverfd, de rest was donker bruin en hing langs het hoofd en aan de achterkant ontwaarde ik een klein staartje. Zou zij vroeger ook hip zijn geweest, zich hebben gelaafd aan de geestverruimende middelen en nu tot inzicht zijn gekomen? Ik ga het niet vragen, ik zie het alleen.

Monday, June 13, 2011

Ma vie en France, deel 2, Lundi de Paques


Lundi de Paques: Op tweede paasdag gingen we op zoek naar eten. Toen we vertrokken uit Nederland dachten we dat op tweede paasdag in Frankrijk een van de twee supernarkten in Vernoux wel open zou zijn. Wij zouden toch niet de enigen zijn die op zondag aan waren gekomen. Lange tijd hebben we gedacht dat die Fransen niets doen aan onze tweede dagen. Daar zijn we een paar jaar geleden al van teruggekomen, toen we de winkels gesloten vonden. Achteraf hadden we dus beter kunnen weten. Maar een gewoon mens wordt pas door schade en schande wijs.

Toen we Vernoux binnenreden vond ik het verdacht stil. Maar Ger bleef optimistisch. We stalden de auto op het lege parkeerterrein van de Intermarche, die was dus dicht. En ook de Casino in de dorpsstraat was gesloten. We liepen naar het cafe op het plein. Daar staan dag en nacht de borden buiten met het “Menu du Jour”. We gingen vragen of we daar 's avonds zouden kunnen eten. “Wel open, maar ’s avonds geen repas,” luidde het teleurstellende antwoorden. Die borden waren voor ’s middags. ’s Avonds verwachtten ze geen tourist of passant in Vernoux. Dan schenken ze alleen wijn voor de notoire terrastijger of de plaatselijke dronkaards.

“Proberen bij de buren?”, vroeg Ger. “Doe maar”, zei ik opnieuw. Nee hebben we, ja kun je krijgen. En zo waar lukte het. De cafébazin wilde wel wat voor ons maken om zes uur 's avonds, als ze zeker wist dat we kwamen. Gaan we doen, besloten we. Opgelucht reden we terug naar huis.

Tegen zessen keerden we terug naar Vernoux. We hadden onze werkklof aangehouden. Bij die boeren op het terras, hoeven we er niet feestelijk uit te zien, besloten we. Die zullen zich niet storen aan een vieze pofbroek en een werktrui. Die gaan ons een bord eten geven en een lekker glas wijn en wij betalen er een tientje voor. Niks geen poespas. Maar toen we voor de deur stonden met een hart vol verwachting en een rammelende maag, vonden we de deur gesloten. Een blik door het raam leerde dat de aardige cafébazin ons toch mooi liet staan. Het terras was opgeruimd en de deur was dicht. Dat was even schrikken! Want hoe nu verder? We dronken een glas wijn op het terras van het grote cafe en vroegen de ober, die zijn tweede paasdag had gevierd met veel drank, of hij wist of wij ergens iets te eten zoude kunnen krijgen. Hij keek ons meewarig aan, richtte zijn blik naar het einde van de lege straat en suggereerde toen tegen beter weten in: “misschien l’Archou!”. Wat een gat, dacht ik, toch al niet in al te beste stemming. Vooral toen hij op onze vraag of wij dan misschien een fles wijn van hem zouden kopen, nee moest zeggen, omdat zijn bazin het niet wilde. Wat een hondenkoppen! Goed dat we ons voor deze boeren niet omgekleed hadden. Die Fransen. Zouden ze weten dat er mensen bestaan, die andere gewoonten hebben? Bij hen begint en eindigt de wereld. We reden mopperend de tien kilometer terug naar huis, staken de open haard aan, aten de restjes van de vorige dag, dronken er een bak slobberthee bij en hadden het er nog lang over.

Wednesday, June 08, 2011

Ma vie en France, deel I


Voor wie het nog niet opgevallen was, wij zijn een poosje weggeweest. Zes weken op het land in Frankrijk. Kun je doen als je met pensioen bent. We vertrokken de zaterdag voor Pasen en reden via Rita, Dik en de kleine Olivia in Melay. Dat ligt halverwege in de Haute Marne. Vader, moeder en kind maken het goed. Eerste Paasdag vervolgden we onze reis met de laatste zeshonderd kilometer. Toen we bij Valance van de grote weg het Massif Central opdraaiden steeg de spanning net als alle andere keren. Hoe zou het huis erbij staan?

Na vijftig haarspeldbochten waren we boven en zagen we dat de natuur nog verder was dan in Nederland. Om half vijf zetten we de auto voor het huis. De blauwe regen bloeit, riepen we! Nog niet eens voluit, maar wel kleurrijk en welriekend. Mooi zo, die is aangeslagen. Toen ik nog eens goed keek, kreeg ik spijt, dat we hem in het begin niet beter hebben gesnoeid. Nu is de hoofdstam al aan de onderkant vertakt en dat vind ik eigenlijk niet zo fraai. Ook de rozen waren flink gegroeid, zowel aan de voorkant als aan de achterkant van het huis. Sommige staan zelfs al dik in de knop. Verder kon ik met voldoening constateren, dat ik de strijd met het onkruid en de buren gewonnen heb: het perkje stond er fraai bij. De klimroos, die ik vorig jaar heb gezet,is dun, maar hoog. En de andere rozen waren stevig. De alpenkorenbloemen stonden zelfs al in de knop, net als de hortensia die de buurvrouw vorig jaar nog betitelde als "mauvais herbes". Ze weet niet beter. De buren zelf zijn er gelukkig niet. Die maken altijd erg veel herrie en dat past niet zo in het leven op het land. Patrick, de fruitbroer rechts naast ons, is er gelukkig nog wel en ook vrouw en kind. Een tweede is niet gekomen. Die komt misschien ook niet meer. Youn kan van de zomer met de kleine meid spelen, denkt Ger. Ze is wel wat groot voor hem, vrees ik. Maar wie weet, hij is mans genoeg.

Bij de andere buurman, de geitenboer, zijn ze nog steeds aan het bouwen. De schuur voor de spannende seances is klaar, maar nu zijn ze aan een nieuw project begonnen. Later hebben we gehoord dat het een gites moet gaan worden. Maar het zal nog wel even duren. Kritische factoren zijn geld en tijd. Als die er niet zijn, ligt het werk stil. Maar de geiten zijn er nog en het bedrijf bloeit.

Het huis bood een wenkend perspectief. Hier konden we het wel zes weken uithouden.

Thursday, April 21, 2011

Kijkoor zet deuren wagenwijd open


Bij de opening van Kunstcentrum Kijkoor aan de Eikenlaan in Eemnes, het pand in de elleboog van de A27, is iedereen welkom om te komen kijken, proeven, luisteren en mee te doen met de kunstzinnige activiteiten in de ateliers en de galerie op zaterdag 28 mei van 11:00 tot 15:00 uur.

Om 11:00 uur is de onthulling van het speciaal voor Kunstcentrum Kijkoor ontworpen beeld door Wouter Stips. Het beeld is nog niet af, want kunstenaars en kunstzinnigen gaan op de opening met het beeld aan de slag. vervolgens met het beeld aan de slag. Om 12:15 uur is een feestelijke openingsvoorstelling in het theater

Prominente rol op het gebied van kunst
Sherpa biedt al 30 jaar kunstenaars met een beperking de mogelijkheid om creatief bezig te zijn. Hun beeldende werken vallen onder de internationale naam: Outsider Art. Kunstzinnige werken die buiten het reguliere kunstcircuit vallen en veel kracht en eigenheid laten zien. In de jaren tachtig heeft Sherpa zich geprofileerd met de exposities o.a. in het Singer museum in Laren. Met het nieuwe gebouw, het nieuwe Kunstcentrum Kijkoor wil Sherpa haar prominente rol op het gebied van kunst in relatie tot mensen met beperkingen uitbreiden naar het samenbrengen van kunstenaars mét en zonder beperkingen. Op de openingsdag geeft artistiek leider Theo Linde een lezing over Outsider Art.

Als u meer wilt weten over alle mogelijkheden van Kijkoor moet u naar de opening gaan. Kunt u niet dan kan het altijd op een andere dag.


Kunstcentrum Kijkoor , Eikenlaan 4, 3755 CP Eemnes
T. 035 5395222
kunstcentrumkijkoor@sherpa.org
Website : www.sherpa.org

Sunday, April 17, 2011

Ik ben er nog en Bach

Deze week is het lijdensweek. Voor veel mensen zegt dat niet veel meer. Voor mij met mijn half christelijke opvoeding wel. Voor mij is het tijd om stil te staan bij de wereld die aandacht nodig heeft. Daarom ben ik blij dat de Goede Herderkerk me heeft gevraagd a.s. dinsdag op een themaavond over mee-lijden en medelijden een passage uit mijn boek Het is Zoals het Is te lezen.

De titel van de avond sluit aan bij de boodschap van SIRE Ik ben er ook nog

Beter mee-lijden, dan medelijden.

Het programma:

20.00 uur Ontvangst met koffie
Filmpje SIRE "Ik ben er ook nog".

Het verhaal
Daniëlle Voestermans, psychologe van revalidatiecentrum, vertelt over haar praktijkervaringen;
Piano intermezzo van Mark van Zutphen
Nel Hoogmoed leest voor uit haar boek “Het is zoals het is”.
Piano Intermezzo van Mark van Zutphen

Vraag en antwoord = Discussie

Als u langer stil wilt staan kan dat Goede Vrijdag en Stille Zaterdag in De Engel, waar theatergroep D’Apertutto i.s.m. De Muzenval een dansvoorstelling van de Via Crucis van Franz Liszt en een Bach recital door Ani Avramova verzorgen.

Op beide dagen zijn er twee uitvoeringen, nl. een 's middags en een 's avonds. Reserveringen D’Apertutto : +31(0)6-24336744 of www.dapertutto.nl

Thursday, April 14, 2011

Verjaardag

Vandaag zit het kabinet van Rutte en Verhagen en die blonde jongen op rechts een half jaar. Voorlopig hebben we er nog niet veel van gemerkt. Oplossingen van de grote problemen zijn nog niet verder dan aankondigingen. Als je althans de grove bezuinigingen op ons defensieapparaat niet mee rekent. Want of dat iets oplost weet ik niet. Verder geen grootse vergezichten in de richting van het milieu, de explosie van de zorgkosten, verbeteringen in het onderwijs. En als er al iets bereikt moet worden, moet de oppositie helpen. Geeft niet. Als het maar niet al te hard schudt. En Sahar mag blijven!

En wat wil Rutte met Europa? Op zondag kijken we met groeiende belangstelling naar de serie in Turkije van de VPRO. In de eerste aflevering zagen we het Istanbul van de moskeeën, de Bospurus, het Taksimplein, het historisch trammetje, de veerboten. Dat Istanbul kennen we. In de tweede aflevering de Koerden die in Istanbul hun eigen identiteit trachten te bewaren. De derde aflevering was het meest onthutsend. Daarin werd duidelijk, dat Turkije zich heeft afgekeerd van Europa en de blik heeft gericht op de Arabische wereld in het Zuidoosten. "Kans verkeken", dacht ik. "Daar krijgen we nog spijt van." Want in plaats van die charlatan van een Berlusconi en de nieuwe Napoleon in Frankrijk, had ik graag de realistische hardwerkende Erdogan als Europese vriend gehad. Mooie brug naar die andere wereld, die zichzelf ook al vrijmaakt. Welterusten, Europa!

Sunday, April 10, 2011

De kleuren van Ensor

Wat zal je over schilderijen schrijven. Kijken moet je, steeds maar kijken en natuurlijk genieten.

Wednesday, April 06, 2011

Zwanenleven in de sloot



Een paar dagen geleden werd ik in de vroege morgen wakker van vreemde geluiden rond het huis. Ik luisterde nog eens en nog eens, maar kon het geklop en geklepper niet thuisbrengen. Het raadplegen van mijn slaapmaatje is in dit soort gevallen niet zinvol, want die hoort meestal minder dan ik. In Frankrijk hebben we 's nachts wel eens met een honkbalknuppel achter de deur gestaan, terwijl de kinderen ervoor stonden, die na een lange reis aan kwamen waaien en met zacht roepen onze aandacht probeerden te trekken. Deze vroege morgen stond er niets anders op dan het warme bed te verlaten om uit het raam te gaan kijken. Het waren zwanen in de sloot die met veel vleugelgeklap vliegoefeningen deden. Ik vond het maar een vreemde tijd van het jaar. Meestal doen ze hun oefeningen in het najaar samen met hun jong, die ze daarna de deur uitjagen.

Vreemd trouwens dat ze met z'n tweeën waren, want deze hele koude winter heeft een eenzame zwaan overwinterd in de sloot. Had hij ergens een lief opgepikt en kwamen ze nu samen thuis? Was het maar waar. In onze sloot speelde zich een heus drama af. De eenzame zwaan werd verjaagd door een nieuw koppel dat zijn territorium had uitgezocht om een gezin te stichten.

Vandaag de hele dag hebben ze er werk van gemaakt. Wij zitten eerste rang en hebben het vastgelegd. Vooral het voorspel is indrukwekkend. Daar kunnen de meerkoeten en de eenden een puntje aan zuigen. Maar ik vrees dat hun lerend vermogen tekort schiet.

De voorlopige afloop:

Monday, April 04, 2011

Gemeentelijk evenementenbeleid - Abacadabra

De volgende tekst trof ik aan in de nieuwe Evenementennota van de gemeente Huizen. Een nieuwe Evenementennota was nodig na het echec van de Stichting Marketing Huizen. Maar hoe het nu wel moet gaan, wordt mij uit de volgende woordenbrij niet duidelijk.

"Met deze geactualiseerde kadernota vindt er een verschuiving plaats in de manier waarop de gemeente evenementen ondersteund. Voorheen was dat vooral door middel van jaarlijkse subsidie van organisaties en praktische
ondersteuning (dranghekken, inzet personeel en dergelijke) voor vast-gestelde evenementen of historisch gegroeide steun. Nu wordt voorgesteld om de ondersteuning enerzijds te gaan richten op ondersteuning op het gebied van marketing en promotie van de desbetreffende evenementen door aanbieden van verschillende instrumenten, diensten en actievere
advisering van de organisaties. Anderzijds wordt door gebruik te maken van vastgestelde faciliteitenpakketten op een vooraf overzichtelijke wijze gemeentelijke diensten beschikbaar gesteld aan een evenement. Praktische ondersteuning door de toekenning van een specifiek pakket met faciliteiten, gerelateerd aan een classificatiesysteem, draagt bij aan transparantie van inzet en steun, alsmede kostenbeheersing.
De reguliere ondersteuning door middel van subsidies worden getemperd en fasegewijs naar beneden bijgesteld en gekoppeld aan (thema) evenementen. Daarnaast is er jaarlijks een bepaald maximum budget dat ingezet kan worden voor nieuwe initiatieven en evenementen.

Zou iemand die deze regels uit zijn pen krijgt, weten wat hij wil zeggen? Ik vrees het ergste. Weggooien en opnieuw proberen, zou ik zeggen. Misschien op een A4tje, want in de beperking enz enz

Thursday, March 31, 2011

Vogelleven


Het is lente, want ze zijn er weer, de vogels en de vogelaars. Toen we twee weken geleden in de Eempolder een kijkje namen, waren er alleen nog voorboden. In het plasje bij de Eem zat een groepje rose grutto's uit te rusten van de lange vlucht uit Marokko. Ze werden vergezeld door scholeksters, kieviten en een enkele tureluur. In een ander plasje zagen we een koppel wintertalingen. Ogenschijnlijk gewone eenden, maar wel met een opvallende gele staartstreep. Niets spectaculairs dus ook geen vogelaars.

Die waren er twee weken later wel, want in een grote troep ganzen die was neergestreken bevond zich tussen de grauwe ganzen, rotganzen, brandganzen en canadese ganzen een zeldzame roodhalsgans. Wat deed dat uitheemse exemplaar nu hier zo in zijn piere-uppie? Hij moet zich hebben vergist bij vertrek uit het overwinteringsgebied en zich bij de verkeerde groep hebben aangesloten. Overigens kon je aan zijn reisgenoten niet merken dat hij een vreemde eend in de bijt was. Dat zagen alleen wij met die grote toeters. Hij liep er lustig te grazen alsof het zo hoorde.

In de gracht rond de vesting Naarden zagen we twee koppels grote zaagbekken. Ook al van die vreemdelingen. Ze zijn er wel in de winter, maar je ziet ze weinig omdat ze stille wateren opzoeken. In deze tijd maken ze zich klaar om naar het Noorden te trekken om te broeden aan de oever van stille visrijke vijvers. Later zagen we dichter bij huis twee koppels in de Aanloophaven. Overigens zijn deze ranke, slanke eenden niet bijzonder genoeg voor de vogelaars. Gelukkig maar. Want gisteren konden we daardoor onbespied een vrouwtje grote zaagbek observeren die een klein visje verschalkte. Toen ze ons doorkreeg dook ze weg en kwam pas weer buitengaans boven water. Overigens van een vermeende echtgenoot geen glimp.

Dichterbij huis maken de pimpelmezen het nestkastje klaar om hun nieuwe leven straks een veilig onderkomen te bieden, is onze huismerel nog op zoek naar een geschikte vrouw, zingen de groenlingen en de putters onder het slaapkamerraam dat het nieuwe leven een lieve lust is.

Sunday, March 27, 2011

Open Podium van het Woord


Gisteren las ik een hoofdstuk voor uit Het is Zoals het Is op het Open Podium van het woord in de Openbare Bibliotheek Amsterdam. Het Open Podium geeft verhalenvertellers en poëten al zeven jaar de kans om hun schrijfsels te laten horen aan een publiek van taalliefhebbers. Deze zaterdag, mijn zaterdag, waren het vooral dichters, jong en oud en rijp en groen, beginnend en gevorderd. Er zaten juwelen van gedichten tussen, die zonder Open Podium op de plank waren blijven liggen. Natalie Guivol een naam om te onthouden.

Het bijzondere van het Open Podium is dat iedereen welkom is. Je wordt niet geballoteerd. Het enige verplichte is dat je je aanmeldt. Op de zaterdag dat je aan de beurt bent, ga je met verhaal, fragment of gedichten en wacht totdat je op het podium wordt geroepen door presentator Jos van Hest. Die heeft er duidelijk plezier in om zich te laten verrassen. Iedereen is even welkom. Voor alle voorlezers heeft hij een bemoedigend woord en voor sommigen een goede raad.

Ik was als eerste aan de beurt en dat was maar goed ook. Want achteraf voelde ik me met mijn afgerond verhaal, dat zelfs al in boekvorm is verschenen, een beetje vreemd eend in de bijt. Doet er niet toe. Ineens kreeg ik vreselijke zin om veel meer te gaan schrijven en vooral met taal te spelen. Dan zal mijn hart wat steviger kloppen als ik het Podium opstap.

In het programmaboekje van het Open Podium geeft hij in een gedicht inzicht in zijn bedoelingen:

Het Open Podium is een taaltheater.
Het Open Podium is een ontmoetingsplaats.
Het Open Podium is een experimenteerplek.
Het Open Podium is een stemmenspel.
Het Open Podium is een open keuken.
Het Open Podium is een restaurant.
Het Open Podium is een springplank.
Het Open Podium is een feest

En zo is het.

Tuesday, March 22, 2011

Voorlezen op het Open Podium OBA

Open Podium OBA zaterdag 26 maart 2011 met gedichten en verhalen.

op het Cultuurplein van de Openbare Bibliotheek Amsterdam op de tweede etage aan de Oosterdokskade 143 treden voor u op:

P. Roeffen, Helena Ansata, Paul Roelofsen en Vrouw Aalbers met gedichten in het Fries en het Nederlands, Bart Melief, Nel Hoogmoed, Natalie Guivol, Martijn Boomsma met nieuw werk, Leonice Leite Da Silva en Lotte Kassies.

Het Open Podium is er voor iedereen die iets heeft met taal of poëzie.
Kom kijken en luisteren naar wat anderen ons te vertellen hebben.
U kunt hen ontmoeten en ook nog hun werk kopen.

Jos van Hest , de presentator, begint om 15.00 en gaat door tot 17.00.
Hij hanteert een willekeurige volgorde, maar degenen die op de lijst staan komen aan de beurt.

Gastvrouw deze maand is Riet Lamers.

Friday, March 18, 2011

Stichting Kunst en Cultuur - laatste stuiptrekkingen


De Huizer Courant besteedde de laatste weken veel aandacht aan Kunst en Cultuur in Huizen. Dat zou een mooi bericht kunnen zijn, ware het niet dat het opnieuw niet over Kunst gaat, maar over bestuurlijk gedoe. Het begon met het vertrek van de voorzitter van de Stichting Kunst en Cultuur en het eindigde voorlopig met de reactie van de medebestuursleden Frans Bianchi en Diana Kuijper. Overigens ken ik de laatste niet en alleen dat is al opmerkelijk.

Maar opmerkelijker is dat de twee overgebleven bestuursleden van de Stichting Kunst en Cultuur in hun reactie op het vertrek van hun voorzitter duidelijk laten blijken dat zij geen flauw benul hebben van de taak van de Stichting die zij nu draaiende moeten houden. De Stichting Kunst en Cultuur is destijds in het leven geroepen om te binden, te faciliteren, te inspireren!! Niet om ruzie te maken! Ik kan het weten, want ik stond samen met Fanny Kiezenberg aan de wieg van de Stichting.

Dat de twee overgebleven bestuursleden dat niet meer weten verontrust! Het duidt er ook op dat ze niets geleerd hebben van de problemen met het Kunstfestival van afgelopen jaar. De Stichting Kunst en Cultuur gaat nu opnieuw zich bemoeien met de organisatie van onderdelen van de Kunstweek, terwijl dat allerminst de bedoeling is. Want de Stichting Kunst en Cultuur verdeelt ook het geld. En een kind kan snappen dat als je geld verdeelt, je niet zelf uit de ruif moet willen eten.

Dus het is van tweeën een: De Stichting concentreert zich op de taak waarvoor het in het leven is geroepen: Binden, Faciliteren, Inspireren. Of de Stichting heft zichzelf op. Na alles wat er is gebeurd, zou het laatste het beste zijn.

Nel Hoogmoed, 18 maart 2011.

Thursday, March 17, 2011

Waar je mee omgaat, word je mee besmet.


De hoofddoekjes van Geert Wilders bezorgen nu ook de VVD een probleem. Kamerlid Jeanine Hennis, onlangs nog beloond en geprezen als beste kamerlid van allemaal, wil een debat over de scheiding van Kerk en Staat. De aankondiging uit liberale hoek verraste me, maar tegenwoordig wordt door VVD-politici gesproken over minder ernstige onderwerpen. Met zo'n PVV naast je, moet je wat! Wat dacht u van de 130 km op de Afsluitdijk. Hoewel ze nadrukkelijk heeft verklaard dat het haar niet alleen om de hoofddoekjes gaat maar om alle religieuze symbolen, hebben haar partijgenoten alle nuancering afgelegd en gaat het bij hen nog alleen over een hoofddoekjesverbod. Dat begrijpt het volk en daar doen ze het allemaal voor. Overigens is het wel de vraag of hoofddoekjes een religieus symbool zijn of gewoon een kledingstuk.

Nuancering past niet bij politici. VVD coryfee Wiegel zei bits: "In ons land bestaat al een scheiding tussen Kerk en Staat! We hebben wel belangrijker zaken te regelen in dit land!" Stef Blok, de strenge fractievoorzitter van de VVD kamerfractie heeft zijn veelbelovende collega het woord ontnomen. En een Amsterdamse VVD raadslid heeft met een hoofddoek om laten weten niets te zien in een hoofddoekjesverbod.

De reacties verbazen me nog meer dan het voorstel. De VVD leek zo leuk en ontspannen van de verkiezingsoverwinning te genieten. Rutte wuift innemend naar links en naar rechts en reist op en neer naar Brussel om de crisis in de wereld te bestrijden. Waarom dan nu zo'n overspannen reactie, vraag ik me af. Maar misschien is het wel de afwezigheid van de premier met zijn jongensachtige zwier die het VVD smaldeel parten speelt. Ik vond Edith Schipper ook al niet sterk met het Electronisch Patienten Dossier en Melanie Schultz moet nog steeds de toiletten in de Sprinter oplossen.

Jeanine had zich dus minstens even in kunnen houden. Maar succes maakt blind. Dat weten we al heel lang en zij ook als ze naar rechts kijkt. Misschien wilde ze wel een graantje meepikken van de populariteit van haar mannelijke blonde evenknie. Waar je mee omgaat, word (zonder -t) je mee besmet. Als het maar niet gaat ruiken.

Monday, March 14, 2011

Als je niet meer beter wordt, ben je nog niet dood.

De titel is OK. Nu nog het verhaal. Het begon met mezelf. Al een tijdje zit ik in de lappenmand. Allemaal kleine ongemakken, die al te samen me het leven knap lastig maken. En zeker nu het niet wil zomeren. Wachten op betere tijden zit niet in mijn karakter. Dus besloot ik aan te pakken. Eerst mijn pijnlijke schouders. Donderdag jl. bracht ik op aanraden van mijn fysiotherapeut een bezoek aan een bekende schouder-chirurg die zich had genesteld in een nieuwe privé kliniek in de buurt. Bij de balie leek het eerst nog of ik een hypotheekadvies kwam vragen. Ik moest wat vragen beantwoorden, maar toen ik die niet allemaal verstond - een van de ongemakken - voelde ik me ineens wat minder welkom.

Maar de dokter was aardig en vol aandacht. Helaas kon hij niets voor me betekenen. Uw schouders zijn versleten, het kraakbeen tussen kop en kom is weg en als u zo agressief - heus het woord is van hem - blijft bewegen als u nu doet, blijft u pijn houden. Hoe dan wel? Hoe kan ik wel een dragelijk leven leiden met deze schouders. Daar was hij niet voor, zei hij. En wie er wel voor was, wist hij ook niet. Doe maar even helemaal niets en over twee maanden terugkomen.

Deze teleurstelling is niets vergeleken bij wat mijn lieve vriendin van het boek overkomt. Haar Alzheimer is niet te genezen. Dankzij vrienden, familie en bekenden is ze in een puike lichamelijke conditie. Die houdt er geen rekening mee, dat haar geest niet meer wil. Om dat op te vangen, zit ze in een verpleeghuis sinds anderhalf jaar. Zo althans hadden wij het bedacht. Maar zo is het niet. In het verpleeghuis hebben ze last van de energie van mijn vriendin, die maar niet slapend in haar stoel wil blijven zitten en keer op keer vraagt "wat gaan we doen vandaag?" Ze gaan niets doen, want daar hebben ze geen tijd voor. Een uurtje in de week atelier, een uurtje euritmie en dat is het dan. Dan blijven er vele uurtjes over. Gelukkig zijn wij er om te wandelen en te zingen.

Zouden we de zorg niet wat anders moeten organiseren om de tijd tussen diagnose "u kunt niet meer beter worden" en de onvermijdelijde dood een beetje leefbaar te houden? We hebben heel veel geld over voor technische ingrepen in de gezondheidszorg. Daarmee is onze gezamenlijke levensverwachting een stuk langer geworden. Dat gaat niet voor iedereen zonder pijn. Moeten we daar niet wat meer aandacht aan besteden?

Friday, March 11, 2011

Kunst in Huizen, gemiste kansen


Nu het Kunstcafé eind april de deuren sluit, wordt het tijd terug te kijken. In 2004 ontstonden de eerste ideeën over het samenbundelen van ideeën over het kunst(be)leven in Huizen. Er werden twee drukbezochte bijeenkomsten gehouden in de Bibliotheek waar het enthousiasme groeide. Er zou een Kunstcafé worden opgericht dat een podium of platform zou bieden voor nieuwe initiatieven, samenwerking, experimenten. Een groep enthousiastelingen ging direct aan de slag om het Idee uit te werken. Op de foto van het eerste uur zitten de aanjagers bij elkaar. Fanny Kiezenberg ontbreekt op de foto, omdat die de foto heeft genomen. We zien wel Ton Prins, Pieter Hogenbirk, Huub van Andel, Olga Dol en Rob Geene.

De eerste nieuwe initiatieven ontstonden al snel. Er moest een Kunstpicknick komen, een Kunstprijs en een Filmhuis. En natuurlijk kon dit niet zonder geld. De plannen werden uitgewerkt en de gemeente werd gevraagd subsidie te verlenen. Het Kunstcafé vond voor de maandelijkse bijeenkomsten een warm onderdak in de boerderij en de gemeente verstrekte een subsidie ter dekking van de noodzakelijke kosten.

Het eerste Kunstcafe was op 29 september 2004. Het werd druk bezocht. Er volgden vele mooie avonden met memorabele optredens. Maar al gauw ontstonden ook de eerste meningsverschillen. De Kunstpicknick ging haar eigen gang, een paar aanjagers van het eerste uur verdwenen, er kwamen nieuwe mensen bij met nieuwe ideeën. Het Kunstcafé overleefde! Zo sterk was het idee!

Maar na zeven jaar gaat het toch mis. Het meningsverschil met het bestuur van de Stichting Kunst en Cultuur is niet te overbruggen. Zolang die Stichting bestaat en niet doet wat het zou moeten doen, is er geen plek voor een Kunstcafé. De twee overgebleven bestuursleden kunnen nu roepen wat ze willen, maar het Kunsttcafé rustte op de samenwerking met de kunstenaars in het dorp. Als die het niet meer zien zitten is er geen Kunstcafe!

Wednesday, March 09, 2011

Kunst in Huizen

In juni toch een kunstweek! Weliswaar met kunst- en vliegwerk en steun uit onverwachte hoek, maar hij komt er. Op 18 juni de Kunstpicknick, de week ervoor het Brugfeest en de week daarvoor Jazz op het plein. Niet een week dus, maar wel twee! Inmiddels heeft de Stichting Kunst en Cultuur beloofd, dat zij de promotie gaan verzorgen! Dat maakt nieuwsgierig.

Dit is groot nieuws zou je zeggen. Gek toch dat er niets over te vinden is op de website van de Stichting. Ook niet over het plotselinge vertrek van de voorzitter van de Stichting Johan Reijnen? Die staan wel te lezen in een mail van hem aan de wethouders Tijhaar en Bakker.

"Verschillen van inzicht binnen het bestuur van de stichting hebben geleid tot dit vertrek." Over die verschillen van inzicht ook geen helderheid. Wel staat er dat inmiddels de werkgroep Kunstcafé het einde heeft aangekondigd en het zou best kunnen dat het een iets met het ander te maken heeft. Maar het blijft giswerk, zolang er geen persbericht komt van het bestuur van de tichting. Dat deed het bestuur van de SMH een stuk sjieker.

Het is toch werkelijk te hopen, dat er met het vertrek van de voorzitter van de Stichting Kunst en cultuur schoon schip gemaakt kan worden. De Stichting Kunst en Cultuur heeft niet gedaan wat het beloofd heeft, aanjagen en binden. En wat misschien nog wel erger is, de Stichting Kunst en Cultuur is doof gebleven voor vragen en suggesties uit de Kunstwereld in Huizen, die uit elkaar is gevallen. Opruimen en opnieuw beginnen.

Sunday, March 06, 2011

Muziek en dementie

"Hoe gaat het nu met Fransje?", vragen veel mensen die mijn boek hebben gelezen. De vraag is niet eenvoudig te beantwoorden, omdat het vertrekpunt zo verschillend kan zijn. Met Fransje gaat het goed, als je haar toestand beziet in het licht van de levensverwachting van alzheimerpatienten. We maken grote wandelingen en zingen uit volle borst. Ook kunnen we nog steeds emoties delen. Er gaat ook veel niet zo goed meer en wij proberen daar zo goed mogelijk mee om te gaan.

In mijn boek heb ik benadrukt dat er drie factoren zijn die positieve invloed hebben op de progressie van de ziekte: liefde en aandacht van familie en vrienden, beweging en zingen. Laatst liet Sander, de zoon van Fransje, ons meeleven met een kerkbezoek met zijn moeder. Hij had zich verbaasd over het gemak en vooral het plezier, waarmee Fransje alle liederen kon meezingen.

In mijn boek was ik op zoek naar de achtergronden van het positieve effect dat zingen op mijn vriendin heeft. Een vriendin wees me op Musicofilia van Oliver Sacks, waarin een hoofdstuk staat over Muziek en Identiteit, dementie en muziektherapie

Sacks stelt de vraag of het verlies van het zelfbewustzijn of van bepaalde mentale aspecten ook het verlies van het ik betekent?
Als Jacques in As you like it van Shakespeare nadenkt over de zeven levensfases van de mens, beschouwt hij de laatste fase als “zonder alles”! Maar, zegt Sacks, een mens is nooit zonder alles. Aspecten van het wezenlijk karakter, van de persoonlijkheid en het persoon-zijn, blijven bestaan. (Zie het laatste hoofdstuk van mijn boek).
Het lijkt alsof de identiteit zo’n uitgebreide neurale basis heeft, alsof de persoonlijke stijl zo diep in het zenuwstelsel is doorgedrongen, dat ze noot geheel teloorgaat. De reactie op muziek blijft behouden, zelfs als de dementie vergevorderd is. Daarom is muziektherapie zo belangrijk.
Het doel van muziektherapie bij mensen met dementie is heel breed: het richt zich op emoties, cognitieve vermogens, gedachten en herinneringen, het overgebleven ik. Het doel is het bestaan te verruimen en te verrijken.
Muzikale perceptie, emotie en geheugen kunnen voortbestaan lang nadat andere vormen van geheugen zijn verdwenen.
Sacks noemt een voorbeeld van een vrouw, die al zeven jaar aan dementie lijdt, die iedere dag enkele uren piano speelt. Hij noemt voorbeelden van intensivering van het muzikaal vermogen. Opvallend is dat in alle genoemde voorbeelden, mensen al langer Alzheimer hebben.
Nu de vraag: heeft Fransje haar identiteit behouden? Misschien ten diepste wel? Ze is nog steeds hoffelijk en goed opgevoed, innemend! Maar ook nog steeds snel aangebrand. Natuurlijk heeft ze een identiteit. Ze heeft een verleden en een toekomst, ze heeft een lichamelijke verschijning en haar muzikaliteit is nog volledig in tact. Tijdens het zingen is Fransje zeer aanwezig. Het besef te kunnen zingen stimuleert het zelfbewustzijn enorm. Het maakt levendig, scherpt de concentratie en vermindert de onrust. Het kan de alzheimermens aan zichzelf teruggeven en prikkelt de bewondering.
Soms gaat muziektherapie individueel, soms in de groep. Het bouwt een band onderling en met de therapeut.
“Samen” is ook voor Fransje een cruciale term.
Het verplegend personeel ziet mensen ineens in een heel ander licht, als mensen met een verleden, die iets kunnen.
Volgens Sacks is er ook een langere termijneffect bij mensen met dementie, zoals verbetering van stemming, gedrag en cognitieve functie.
Dementie is geen belemmering voor emotionele diepgang. Er is wel degelijk een IK.
Welke gebieden in de hersenschors zijn verantwoordelijk voor de muzikale intelligentie? Cortiaal en emotie is subcortiaal. Muziek hoort kennelijk onverbrekelijk bij het menszijn.

07032011/hm

Saturday, March 05, 2011

Mojo is dood


Mojo is dood! Zo maar plotseling en ineens. Tussen half vijf donderdagmorgen en negen uur moet hij iets van hartfalen hebben gehad, waardoor zijn achterlijf verlamd was. Hij had de hele nacht vredig bij Charlotte op het hoofdkussen geslapen. Dat deed hij sinds we terug zijn uit Istanbul. Tegen half vijf wilde hij eruit om zijn behoefte te doen. Die doet hij altijd in de tuin. Toen ze hem tegen negenen binnen wilde laten, zat hij stil voor de deur op de mat. Ze zag meteen dat er iets mis was. Hij liep moeilijk, omdat zijn achterpoten het niet meer deden. Ze waren koud en stijf. Opwrijven hielp niet. Toen het tegen tienen niet veel beter met hem ging, belde ze de dierenarts. Die raadde haar aan meteen te komen. Mo liet zich gewillig in het mandje helpen, dat voor dit soort ziektegevallen is bedoeld. Alsof hij besefte dat hij hulp nodig had.

Omdat hij nergens tekenen van beschadiging vertoonde die op een aanrijding of een val konden wijzen, constateerde de dierenarts dat er hoogstwaarschijnlijk ergens een bloedprop moest zitten als gevolg van hartfalen. Moeilijk te behandelen, zei ze. Misschien konden ze aan de faculteit diergeneeskunde in Amsterdam nog iets voor hem doen, maar ik denk dat ze dat zonder veel overtuiging heeft gebracht. Charlotte voelde niets voor gesleep, gezeur en veel lijden en heeft toen besloten hem direct te laten inslapen. Niet eerst mee naar huis nemen en vervolgens constateren dat het toch niet zou gaan.

Ze had ons gebeld, maar wij waren bij Lenie Bos de twee contrapunten halen. Ik belde haar terug zodra ik het bericht op mijn voicemail hoorde. Ze waren nog bij de dierenarts. Wij reden er langs om haar in de laatste ogenblikken van Mojo bij te staan, maar die had zijn laatste adem al uitgeblazen.

Wat een idiote gewaarwording. Mojo, onze tijger, die zo genoot van het leven op en rond de boerderij is er nu ineens niet meer. Als Charlotje over een week naar Rome gaat hoef ik hem geen eten te geven. Zit hij niet meer te wachten op het stoeltje naast de deur als ik over het pad kom. Komt hij niet meer aansluipen om het hoekje. Hoeven we hem nooit meer te roepen, als hij even geen zin heeft en ergens lekker in het warme zonnetje ligt te slapen. Nooit zal hij meer tegen me aan komen dringen als ik op het zwarte bankje zit. Alles heeft zijn eind, maar dit is wel erg abrupt. Hij ligt nu vredig onder de rhododendron in de tuin. Maar wel erg dood.

Wednesday, March 02, 2011

Kleine baantjes / de schoenpoetser


Na een bezoek aan de Chorakerk bij de Stadsmuur daalden wij af naar de Gouden Hoorn door de wijken Fener en Akay. Onze bedoeling was om langs het water terug te lopen naar De Brug van Geert Mak. Ik had er een romantische voorstelling bij, maar die verdween al snel met de gure noordoosten wind. In het verlaten park liep ons een schoenpoetser tegemoet met standaarduitrusting. In zijn linkerhand droeg hij zijn doos met smeer en doeken in zijn rechter de borstel. Het leek of hij liep te dromen en ons niet zag. Vlak voor ons liet hij zijn borstel vallen. Wij zagen het en riepen hem na. Hij draaide zich om en pakte met een grote grijns en een diepe buiging zijn borstel van de grond. Zijn dankbaarheid kende zijn grenzen! Als blijk van waardering wilde hij onze schoenen wel poetsen `for free`! Het zou onbeleefd zijn om zijn aanbod af te wijzen.

Dus zette ik als eerste mijn voet op de doos van de schoenenman. Op zijn aandringen volgden een voor een de voeten van Ger en Charlotte. Tijdens het insmeren en borstelen vertelde hij dat hij uit Ankara kwam, vier kinderen had die alle vier erg ziek waren en dat hij voor hen de kost moest verdienen. Ons hart bloeide open. `We geven hem wat!` besloten we en gul haalden we een briefje van vijf Turkse Lira uit onze zak. Toen we hem die onder de neus hielden haalde hij die op. Vijf Turkse Lira waren niet voldoende. Hij wilde meer. Toen wij hem er uiteindelijk acht gaven was hij nog steeds niet tevreden.

Later zagen we dat er voor het poetsen van een paar schoenen een tarief bestaat van twee Euro. Drie paar schoenen is dus goed voor zes Euro en zes Euro´s zijn ongeveer tien Lira´s. Die twee Lira´s verschil moeten we maar beschouwen als zijn blijk van dank voor de "gevonden borstel".

Pas veel later vertelde ik mijn reisgenoten dat de schoenborstel niet voor niets uit zijn handen gevallen moest zijn.

Tuesday, March 01, 2011

Istanbul - stad van tegenstellingen

Alvast een voorproef! Het verhaal volgt:

Tuesday, February 22, 2011

Het Zeer Korte Verhaal (2)

Ik moet wel stekeblind en horend doof zijn om nu de wereld in brand staat een zeer kort verhaal te kunnen schrijven over een onomkeerbare gebeurtenis in het leven van mijn eigen zandkorrel. Of misschien is het wel het onomkeerbare dat ik het niet meer aan kan zien. Vanmorgen keek ik om een hoekje naar Willem Vermeend die in Wakker Nederland zich zorgen maakte over de olieproductie in Libië. En even erna zag ik onze dreutel van Buitenlandse Zaken zeggen dat Italië en Griekenland beschermd moeten worden tegen de mogelijke instroom van vluchtelingen uit Libië. Hoe krijg je het uit je mond. Zou die ook zijn dokterstitel gejat hebben?

Mijn moeder waarschuwde me vroeger al voor de macht! "Wantrouw ze!", riep ze me op. Dus helemaal objectief ben ik niet. Maar in deze tijden van morele nood hoop ik altijd weer op het verlossende woord van onze koningin. Die sprak nu niet zelf, maar liet een goede vriend het woord doen. En Wilders treedt op bij de schutterijvereniging in Boertange. Maak hier maar eens een ZKV'tje van.

Friday, February 18, 2011

Het Zeer Korte Verhaal

Vanmorgen reed ik in een grijze wintermorgen naar mijn mevrouw acupunctuur om naalden te laten zetten. Ik luisterde naar Radio 4. Vaste gast is daar de bekroonde schrijver van het Zeer Korte Verhaal, A.L. Snijder. Ik spitste de oren toen de presentator hem aankondigde. Want ik wil graag de geheimen van korte verhalen leren kennen, sinds ik me heb voorgenomen iets dergelijks in te sturen voor de Opium Verhalenwedstrijd van de AVRO. De deskundige jury eist een levensgebeurtenis van grote omvang in vijfhonderd woorden. Voor niet-schrijvers: dat is ongeveer een A4-tje. Ik oefen me in korte blogs, maar dat voelt anders dan een ZKV‘tje. Dus luisterde ik aandachtig naar de droge stem van A.L.Snijders. Ligt bij die stem misschien een deel van het geheim. De presentator vroeg hem ter introductie hoe het met hem ging deze morgen en de schrijver antwoordde: “Ik heb in deze grijze, natte morgen houtjes gehakt om de kachel aan te steken.” En, voegde hij eraan toe, hij was weer blij met de rust en regelmaat der dingen. Want iedere wintermorgen hakte hij houtjes. De presentator vond het kennelijk erg kaal en voegde toe dat misschien het woord reinheid hier ook wel van toepassing was. Maar daar wilde Snijders niets van horen. Voor dat soort zedelijke prietpraat voelde hij zich te oud. Rust en regelmaat waren meer dan voldoende. En vervolgens las hij zijn Zeer Korte Verhaal van deze morgen. Kern van het verhaal was een hekel rondeel van de 15e eeuwse Vlaamse dichter Anthonis de Roovere, dat hij terloops met aardse stem voordroeg:

Die gheen pluymen en can strijcken
Die en dooch ter werelt niet
Is hy aerm / hy en sal niet rijcken
Die gheen pluymen en can strijcken
Alomme soe heeft hy tachterkijcken
Hy wordt verschouen / waer men hem siet
Die gheen pluymen en can strijcken
Die en dooch ter wereldt niet.

Bij nader inzien vond hij het verrassend modern en merkte op dat er in de zes afgelopen eeuwen kennelijk weinig is veranderd. Misschien ligt in die constatering wel het succes van het Zeer Korte Verhaal. Er verandert niet zoveel in de wereld en als je weinig woorden gebruikt kom je misschien wel bij de kern.

Ook mijn leven is niet meer dan een zandkorrel in een zee van vele zandkorrels. Zelfs als ik het oppoets of grootmaak, wordt het nooit meer dan een zandkorrel. Bescheidenheid siert de mens. Leve het korte verhaal. En dan nog die droge voorleesstem.

Monday, February 14, 2011

De Staatssecretaris en mijn boek


Afgelopen zaterdag was staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Santen op werkbezoek in Huizen. De lijsttrekker van het CDA in de provincie, Ciel Stevens, was meegekomen. Het was een CDA bezoek. Wethouder Janny Bakker had het initiatief genomen om haar partijgenoten kennis te laten maken met aspecten van de ouderenzorg in Huizen. Het gezelschap ging op bezoek in het Voor Anker, waar net een nieuwe verpleegafdeling is geopend. Bij de verpleging zullen familie, vrienden en mantelzorgers intensief betrokken worden. Ze bezochten ook de zorgwoningen in De Ruijterstraat en ze spraken met elkaar over noodzakelijke vernieuwingen in de zorg.

Het kabinet wil de ouderenzorg overlaten aan gemeenten. Janny Bakker is daar een voorstander van, mits de regelgeving wordt versoepeld, zodat gemeenten ook echt maatwerk kunnen leveren. Dat laat ze op haar weblog weten. Nu wordt de zorg voor mensen die niet meer in een eigen huis kunnen wonen betaald uit de AWBZ. De wens van de wethouder is dat wonen en zorg uit gescheiden budgetten worden betaald. Het wonen betalen mensen zelf, de zorg wordt betaald uit de AWBZ. Je moet insider zijn om te begrijpen waar de problemen precies zitten. Maar Janny gaat het vast nog een keer uitleggen.

Als blijk van waardering voor het bezoek heeft Janny Bakker de staatssecretaris mijn boek Het is zoals het is aangeboden. Ben ik best een beetje trots op. Ook maar een mens. In Janny's woorden zelf:

Vooral de titel van het boek van Nel Hoogmoed sprak haar erg aan, mede vanuit haar eigen ervaringen in het verleden als verpleeghuisarts. Ik gaf zelf een toelichting op de inhoud van het boek, dat vooral praktische informatie geeft over het dagelijks leven van mensen met de ziekte van Alzheimer en de gevolgen van deze ziekte voor de relatie met hun vrienden en familie. De staatssecretaris beloofde dit boek zeker te zullen gaan lezen.

Overigens vertelt mijn boek een unieke ervaring van een unieke vriendschap met een uniek mens. Maar het is waar: zo kan het ook. En als mijn boek mensen inspireert en troost is het mooi meegenomen.

Saturday, February 12, 2011

De Wereld op zijn kop

Toen gisteren even over vijven het bericht kwam dat Mubarak eindelijk was afgetreden, sprongen de tranen me in de ogen. Wat een overwinning voor al die jonge mensen op het Tahirplein, die deze omwenteling in gang hebben gezet en die hebben volgehouden. Wat een kracht wat een vitaliteit wat een geloof in eigen kunnen.

In Egypte vindt een sociale revolutie plaats met hulp van sociale media, weblogs, Twitter en Facebook. Egypte heeft al sinds een jaar of vier een blogtraditie opgebouwd. Jonge Egyptenaren doorbreken in hun blogs het informatiemonopolie van het bewind. Naast de officiële staatsinformatie verspreidde zich zo het soort informatie dat mensen herkenden als hún werkelijkheid.

De wereld zal nooit meer worden wat die was. Daar gaan we. Eerst was er Wikileaks dat de gevestigde orde kraakte, nu deze machtige en overweldigende volksopstand die over de hele wereld is te volgen. Misschien is dat wel de reden dat de oude machthebbers niet hebben ingegrepen.

De opstand werd gedreven door het verlangen naar vrijheid, waardigheid en economische gerechtigheid. Dat was even wennen voor de Westerse media, die er rechtstreeks politieke motieven achter zochten en allerlei doemscenario's schetsten met als thema's Israël, Christenen, Islamisering en het Suezkanaal. In plaats van de gebeurtenissen op het plein te volgen, kregen we de praatprogramma's waarin zuurpruimen van allerlei gezindten ons op de gevaren wezen. Gelukkig leven er Egyptenaren in ons land die ons bij de les kunnen houden. Het is hun revolutie. Ons past toekijken en vooral moreel steunen. Nu kunnen we eindelijk eens laten zien hoe democratisch we zijn.

De betogers vragen een menswaardige en rechtvaardige samenleving en roepen op tot dialoog. Geen enkele beweging of partij claimt het leiderschap. De macht is nu aan het leger. Dat zal het voortouw moeten nemen bij het organiseren en garanderen van democratische verkiezingen. Er is nog zo'n land in de Arabische wereld waar het leger jarenlang die rol heeft vervuld.

Sunday, February 06, 2011

Ze is er ook nog

“Leuk boek hebt u geschreven”, zei gisteren een verzorgster in het huis waarin mijn vriendin nu woont. “Leuk boek”. De opmerking sloeg me met stomheid. Ik heb al veel opmerkingen gehoord over mijn boek, maar dit was een nieuwe. “Leuk boek.” Het was de gelegenheid niet om te vragen wat zo leuk is aan het boek. Maar zelf voegde zij nog toe: “Het verklaart een heleboel.” En die laatste opmerking puzzelde me mogelijk nog meer dan de eerste. Wat zou mijn boek kunnen verklaren?

Mijn vriendin lijdt aan de ziekte van Alzheimer. Dat is inmiddels wel bekend. Sinds anderhalf jaar woont zij in een verzorgingshuis met andere mensen die niet meer zelfstandig kunnen wonen. Een van de problemen waar mijn vriendin mee kampt is dat zij niet kan vertellen wie ze is en wat haar geschiedenis is. Uit mijn eigen levenspraktijk weet ik, dat mensen daar erg nieuwsgierig naar zijn. Wie ben je en wat doe je.

In de ontmoeting met De Ander helpt het als die zich kan voorstellen. Mijn vriendin kan dat niet. Maar dat betekent niet dat ze geen verleden heeft. En er zijn anderen die iets over dat leven kunnen vertellen. Zij heeft twee kinderen, een broer en een zuster, en vrienden, die haar regelmatig bezoeken. Al die mensen kunnen iets vertellen over het leven van mijn vriendin, wie ze is, wat ze heeft gedaan, wat haar beweegt en bezighoudt.

Ik vind het ineens heel erg gek dat de verzorgenden in het verpleeghuis dat niet weten. Dat ze met mijn vriendin leven zonder te weten wat haar levensgeschiedenis is. Dat ze mijn boek nodig hebben om mijn vriendin in een decor te plaatsen. Dat moet toch anders kunnen.

Voor wie het weten wil: mijn vriendin viert vandaag haar eenenzeventigste verjaardag.

Tuesday, February 01, 2011

Contrapunt 5 en 7

Contrapunt is een roman van Anna Enquist over het verlies van haar dochter. Contrapunt is ook een term uit de muziek, vaak gekoppeld aan de onweerstaanbare muziek van Johan Sebastian Bach. Die twee komen nu samen in een serie van acht schilderijen van Lenie Bos. Lenie schrijft er zelf over:

"Het boek Contrapunt van Anna Enquist heb ik gelezen en beluisterd, weer geluisterd en meegelezen. Ja, dat is het, daar ga ik meteen acht schilderijen van maken. Iedere DC een schilderij. De combinatie van schrijven en muziek vind ik prachtig en spreekt me aan.`

Ik volg al jaren het werk van Lenie Bos. Iedere Atelierroute bezoek ik Theater De Boerderij uit nieuwsgierigheid naar haar nieuwe werk. Lenie ontwikkelt zich voortdurend en onvoorspelbaar. Lenie lijkt voortdurend op zoek. Haar inspiratiebron is meestal de natuur, maar niet de natuur zoals die zich in alle realisme aan ons voordoet. Nee. Lenie schildert de natuur naar de geest van Lenie in sprekende, felle kleuren en stevige vormen. Lenie schildert groot.

Maar niet in de contrapunten. Hier heeft zij een andere inspiratiebron gekozen. Een veel intiemere, namelijk het verdriet van een moeder die haar dochter heeft verloren. Ze legt haar herinneringen vast in de vormen van een muziekstuk van Johan Sebastian Bach. Lenie heeft geluisterd en gelezen en nog eens gelezen en geluisterd en de emotie op doek vastgelegd.

Mijn geduld is beloond. Ik ben een liefhebber van de muziek van Bach. Zijn muziek geeft orde en rust aan de chaos in mijn hoofd. Met de Goldberg variaties op de achtergrond kan ik mijn verhalen schrijven. Ik weet dat Anna Enquist ook houdt van Bach. Ik houd nog niet van haar werk, omdat ik het te houterig vind. Maar ik ga nu zeker Contrapunt lezen. En dat allemaal dankzij Lenie. Zelf een mens van weinig woorden!