Thursday, March 31, 2011

Vogelleven


Het is lente, want ze zijn er weer, de vogels en de vogelaars. Toen we twee weken geleden in de Eempolder een kijkje namen, waren er alleen nog voorboden. In het plasje bij de Eem zat een groepje rose grutto's uit te rusten van de lange vlucht uit Marokko. Ze werden vergezeld door scholeksters, kieviten en een enkele tureluur. In een ander plasje zagen we een koppel wintertalingen. Ogenschijnlijk gewone eenden, maar wel met een opvallende gele staartstreep. Niets spectaculairs dus ook geen vogelaars.

Die waren er twee weken later wel, want in een grote troep ganzen die was neergestreken bevond zich tussen de grauwe ganzen, rotganzen, brandganzen en canadese ganzen een zeldzame roodhalsgans. Wat deed dat uitheemse exemplaar nu hier zo in zijn piere-uppie? Hij moet zich hebben vergist bij vertrek uit het overwinteringsgebied en zich bij de verkeerde groep hebben aangesloten. Overigens kon je aan zijn reisgenoten niet merken dat hij een vreemde eend in de bijt was. Dat zagen alleen wij met die grote toeters. Hij liep er lustig te grazen alsof het zo hoorde.

In de gracht rond de vesting Naarden zagen we twee koppels grote zaagbekken. Ook al van die vreemdelingen. Ze zijn er wel in de winter, maar je ziet ze weinig omdat ze stille wateren opzoeken. In deze tijd maken ze zich klaar om naar het Noorden te trekken om te broeden aan de oever van stille visrijke vijvers. Later zagen we dichter bij huis twee koppels in de Aanloophaven. Overigens zijn deze ranke, slanke eenden niet bijzonder genoeg voor de vogelaars. Gelukkig maar. Want gisteren konden we daardoor onbespied een vrouwtje grote zaagbek observeren die een klein visje verschalkte. Toen ze ons doorkreeg dook ze weg en kwam pas weer buitengaans boven water. Overigens van een vermeende echtgenoot geen glimp.

Dichterbij huis maken de pimpelmezen het nestkastje klaar om hun nieuwe leven straks een veilig onderkomen te bieden, is onze huismerel nog op zoek naar een geschikte vrouw, zingen de groenlingen en de putters onder het slaapkamerraam dat het nieuwe leven een lieve lust is.

Sunday, March 27, 2011

Open Podium van het Woord


Gisteren las ik een hoofdstuk voor uit Het is Zoals het Is op het Open Podium van het woord in de Openbare Bibliotheek Amsterdam. Het Open Podium geeft verhalenvertellers en poëten al zeven jaar de kans om hun schrijfsels te laten horen aan een publiek van taalliefhebbers. Deze zaterdag, mijn zaterdag, waren het vooral dichters, jong en oud en rijp en groen, beginnend en gevorderd. Er zaten juwelen van gedichten tussen, die zonder Open Podium op de plank waren blijven liggen. Natalie Guivol een naam om te onthouden.

Het bijzondere van het Open Podium is dat iedereen welkom is. Je wordt niet geballoteerd. Het enige verplichte is dat je je aanmeldt. Op de zaterdag dat je aan de beurt bent, ga je met verhaal, fragment of gedichten en wacht totdat je op het podium wordt geroepen door presentator Jos van Hest. Die heeft er duidelijk plezier in om zich te laten verrassen. Iedereen is even welkom. Voor alle voorlezers heeft hij een bemoedigend woord en voor sommigen een goede raad.

Ik was als eerste aan de beurt en dat was maar goed ook. Want achteraf voelde ik me met mijn afgerond verhaal, dat zelfs al in boekvorm is verschenen, een beetje vreemd eend in de bijt. Doet er niet toe. Ineens kreeg ik vreselijke zin om veel meer te gaan schrijven en vooral met taal te spelen. Dan zal mijn hart wat steviger kloppen als ik het Podium opstap.

In het programmaboekje van het Open Podium geeft hij in een gedicht inzicht in zijn bedoelingen:

Het Open Podium is een taaltheater.
Het Open Podium is een ontmoetingsplaats.
Het Open Podium is een experimenteerplek.
Het Open Podium is een stemmenspel.
Het Open Podium is een open keuken.
Het Open Podium is een restaurant.
Het Open Podium is een springplank.
Het Open Podium is een feest

En zo is het.

Tuesday, March 22, 2011

Voorlezen op het Open Podium OBA

Open Podium OBA zaterdag 26 maart 2011 met gedichten en verhalen.

op het Cultuurplein van de Openbare Bibliotheek Amsterdam op de tweede etage aan de Oosterdokskade 143 treden voor u op:

P. Roeffen, Helena Ansata, Paul Roelofsen en Vrouw Aalbers met gedichten in het Fries en het Nederlands, Bart Melief, Nel Hoogmoed, Natalie Guivol, Martijn Boomsma met nieuw werk, Leonice Leite Da Silva en Lotte Kassies.

Het Open Podium is er voor iedereen die iets heeft met taal of poëzie.
Kom kijken en luisteren naar wat anderen ons te vertellen hebben.
U kunt hen ontmoeten en ook nog hun werk kopen.

Jos van Hest , de presentator, begint om 15.00 en gaat door tot 17.00.
Hij hanteert een willekeurige volgorde, maar degenen die op de lijst staan komen aan de beurt.

Gastvrouw deze maand is Riet Lamers.

Friday, March 18, 2011

Stichting Kunst en Cultuur - laatste stuiptrekkingen


De Huizer Courant besteedde de laatste weken veel aandacht aan Kunst en Cultuur in Huizen. Dat zou een mooi bericht kunnen zijn, ware het niet dat het opnieuw niet over Kunst gaat, maar over bestuurlijk gedoe. Het begon met het vertrek van de voorzitter van de Stichting Kunst en Cultuur en het eindigde voorlopig met de reactie van de medebestuursleden Frans Bianchi en Diana Kuijper. Overigens ken ik de laatste niet en alleen dat is al opmerkelijk.

Maar opmerkelijker is dat de twee overgebleven bestuursleden van de Stichting Kunst en Cultuur in hun reactie op het vertrek van hun voorzitter duidelijk laten blijken dat zij geen flauw benul hebben van de taak van de Stichting die zij nu draaiende moeten houden. De Stichting Kunst en Cultuur is destijds in het leven geroepen om te binden, te faciliteren, te inspireren!! Niet om ruzie te maken! Ik kan het weten, want ik stond samen met Fanny Kiezenberg aan de wieg van de Stichting.

Dat de twee overgebleven bestuursleden dat niet meer weten verontrust! Het duidt er ook op dat ze niets geleerd hebben van de problemen met het Kunstfestival van afgelopen jaar. De Stichting Kunst en Cultuur gaat nu opnieuw zich bemoeien met de organisatie van onderdelen van de Kunstweek, terwijl dat allerminst de bedoeling is. Want de Stichting Kunst en Cultuur verdeelt ook het geld. En een kind kan snappen dat als je geld verdeelt, je niet zelf uit de ruif moet willen eten.

Dus het is van tweeën een: De Stichting concentreert zich op de taak waarvoor het in het leven is geroepen: Binden, Faciliteren, Inspireren. Of de Stichting heft zichzelf op. Na alles wat er is gebeurd, zou het laatste het beste zijn.

Nel Hoogmoed, 18 maart 2011.

Thursday, March 17, 2011

Waar je mee omgaat, word je mee besmet.


De hoofddoekjes van Geert Wilders bezorgen nu ook de VVD een probleem. Kamerlid Jeanine Hennis, onlangs nog beloond en geprezen als beste kamerlid van allemaal, wil een debat over de scheiding van Kerk en Staat. De aankondiging uit liberale hoek verraste me, maar tegenwoordig wordt door VVD-politici gesproken over minder ernstige onderwerpen. Met zo'n PVV naast je, moet je wat! Wat dacht u van de 130 km op de Afsluitdijk. Hoewel ze nadrukkelijk heeft verklaard dat het haar niet alleen om de hoofddoekjes gaat maar om alle religieuze symbolen, hebben haar partijgenoten alle nuancering afgelegd en gaat het bij hen nog alleen over een hoofddoekjesverbod. Dat begrijpt het volk en daar doen ze het allemaal voor. Overigens is het wel de vraag of hoofddoekjes een religieus symbool zijn of gewoon een kledingstuk.

Nuancering past niet bij politici. VVD coryfee Wiegel zei bits: "In ons land bestaat al een scheiding tussen Kerk en Staat! We hebben wel belangrijker zaken te regelen in dit land!" Stef Blok, de strenge fractievoorzitter van de VVD kamerfractie heeft zijn veelbelovende collega het woord ontnomen. En een Amsterdamse VVD raadslid heeft met een hoofddoek om laten weten niets te zien in een hoofddoekjesverbod.

De reacties verbazen me nog meer dan het voorstel. De VVD leek zo leuk en ontspannen van de verkiezingsoverwinning te genieten. Rutte wuift innemend naar links en naar rechts en reist op en neer naar Brussel om de crisis in de wereld te bestrijden. Waarom dan nu zo'n overspannen reactie, vraag ik me af. Maar misschien is het wel de afwezigheid van de premier met zijn jongensachtige zwier die het VVD smaldeel parten speelt. Ik vond Edith Schipper ook al niet sterk met het Electronisch Patienten Dossier en Melanie Schultz moet nog steeds de toiletten in de Sprinter oplossen.

Jeanine had zich dus minstens even in kunnen houden. Maar succes maakt blind. Dat weten we al heel lang en zij ook als ze naar rechts kijkt. Misschien wilde ze wel een graantje meepikken van de populariteit van haar mannelijke blonde evenknie. Waar je mee omgaat, word (zonder -t) je mee besmet. Als het maar niet gaat ruiken.

Monday, March 14, 2011

Als je niet meer beter wordt, ben je nog niet dood.

De titel is OK. Nu nog het verhaal. Het begon met mezelf. Al een tijdje zit ik in de lappenmand. Allemaal kleine ongemakken, die al te samen me het leven knap lastig maken. En zeker nu het niet wil zomeren. Wachten op betere tijden zit niet in mijn karakter. Dus besloot ik aan te pakken. Eerst mijn pijnlijke schouders. Donderdag jl. bracht ik op aanraden van mijn fysiotherapeut een bezoek aan een bekende schouder-chirurg die zich had genesteld in een nieuwe privé kliniek in de buurt. Bij de balie leek het eerst nog of ik een hypotheekadvies kwam vragen. Ik moest wat vragen beantwoorden, maar toen ik die niet allemaal verstond - een van de ongemakken - voelde ik me ineens wat minder welkom.

Maar de dokter was aardig en vol aandacht. Helaas kon hij niets voor me betekenen. Uw schouders zijn versleten, het kraakbeen tussen kop en kom is weg en als u zo agressief - heus het woord is van hem - blijft bewegen als u nu doet, blijft u pijn houden. Hoe dan wel? Hoe kan ik wel een dragelijk leven leiden met deze schouders. Daar was hij niet voor, zei hij. En wie er wel voor was, wist hij ook niet. Doe maar even helemaal niets en over twee maanden terugkomen.

Deze teleurstelling is niets vergeleken bij wat mijn lieve vriendin van het boek overkomt. Haar Alzheimer is niet te genezen. Dankzij vrienden, familie en bekenden is ze in een puike lichamelijke conditie. Die houdt er geen rekening mee, dat haar geest niet meer wil. Om dat op te vangen, zit ze in een verpleeghuis sinds anderhalf jaar. Zo althans hadden wij het bedacht. Maar zo is het niet. In het verpleeghuis hebben ze last van de energie van mijn vriendin, die maar niet slapend in haar stoel wil blijven zitten en keer op keer vraagt "wat gaan we doen vandaag?" Ze gaan niets doen, want daar hebben ze geen tijd voor. Een uurtje in de week atelier, een uurtje euritmie en dat is het dan. Dan blijven er vele uurtjes over. Gelukkig zijn wij er om te wandelen en te zingen.

Zouden we de zorg niet wat anders moeten organiseren om de tijd tussen diagnose "u kunt niet meer beter worden" en de onvermijdelijde dood een beetje leefbaar te houden? We hebben heel veel geld over voor technische ingrepen in de gezondheidszorg. Daarmee is onze gezamenlijke levensverwachting een stuk langer geworden. Dat gaat niet voor iedereen zonder pijn. Moeten we daar niet wat meer aandacht aan besteden?

Friday, March 11, 2011

Kunst in Huizen, gemiste kansen


Nu het Kunstcafé eind april de deuren sluit, wordt het tijd terug te kijken. In 2004 ontstonden de eerste ideeën over het samenbundelen van ideeën over het kunst(be)leven in Huizen. Er werden twee drukbezochte bijeenkomsten gehouden in de Bibliotheek waar het enthousiasme groeide. Er zou een Kunstcafé worden opgericht dat een podium of platform zou bieden voor nieuwe initiatieven, samenwerking, experimenten. Een groep enthousiastelingen ging direct aan de slag om het Idee uit te werken. Op de foto van het eerste uur zitten de aanjagers bij elkaar. Fanny Kiezenberg ontbreekt op de foto, omdat die de foto heeft genomen. We zien wel Ton Prins, Pieter Hogenbirk, Huub van Andel, Olga Dol en Rob Geene.

De eerste nieuwe initiatieven ontstonden al snel. Er moest een Kunstpicknick komen, een Kunstprijs en een Filmhuis. En natuurlijk kon dit niet zonder geld. De plannen werden uitgewerkt en de gemeente werd gevraagd subsidie te verlenen. Het Kunstcafé vond voor de maandelijkse bijeenkomsten een warm onderdak in de boerderij en de gemeente verstrekte een subsidie ter dekking van de noodzakelijke kosten.

Het eerste Kunstcafe was op 29 september 2004. Het werd druk bezocht. Er volgden vele mooie avonden met memorabele optredens. Maar al gauw ontstonden ook de eerste meningsverschillen. De Kunstpicknick ging haar eigen gang, een paar aanjagers van het eerste uur verdwenen, er kwamen nieuwe mensen bij met nieuwe ideeën. Het Kunstcafé overleefde! Zo sterk was het idee!

Maar na zeven jaar gaat het toch mis. Het meningsverschil met het bestuur van de Stichting Kunst en Cultuur is niet te overbruggen. Zolang die Stichting bestaat en niet doet wat het zou moeten doen, is er geen plek voor een Kunstcafé. De twee overgebleven bestuursleden kunnen nu roepen wat ze willen, maar het Kunsttcafé rustte op de samenwerking met de kunstenaars in het dorp. Als die het niet meer zien zitten is er geen Kunstcafe!

Wednesday, March 09, 2011

Kunst in Huizen

In juni toch een kunstweek! Weliswaar met kunst- en vliegwerk en steun uit onverwachte hoek, maar hij komt er. Op 18 juni de Kunstpicknick, de week ervoor het Brugfeest en de week daarvoor Jazz op het plein. Niet een week dus, maar wel twee! Inmiddels heeft de Stichting Kunst en Cultuur beloofd, dat zij de promotie gaan verzorgen! Dat maakt nieuwsgierig.

Dit is groot nieuws zou je zeggen. Gek toch dat er niets over te vinden is op de website van de Stichting. Ook niet over het plotselinge vertrek van de voorzitter van de Stichting Johan Reijnen? Die staan wel te lezen in een mail van hem aan de wethouders Tijhaar en Bakker.

"Verschillen van inzicht binnen het bestuur van de stichting hebben geleid tot dit vertrek." Over die verschillen van inzicht ook geen helderheid. Wel staat er dat inmiddels de werkgroep Kunstcafé het einde heeft aangekondigd en het zou best kunnen dat het een iets met het ander te maken heeft. Maar het blijft giswerk, zolang er geen persbericht komt van het bestuur van de tichting. Dat deed het bestuur van de SMH een stuk sjieker.

Het is toch werkelijk te hopen, dat er met het vertrek van de voorzitter van de Stichting Kunst en cultuur schoon schip gemaakt kan worden. De Stichting Kunst en Cultuur heeft niet gedaan wat het beloofd heeft, aanjagen en binden. En wat misschien nog wel erger is, de Stichting Kunst en Cultuur is doof gebleven voor vragen en suggesties uit de Kunstwereld in Huizen, die uit elkaar is gevallen. Opruimen en opnieuw beginnen.

Sunday, March 06, 2011

Muziek en dementie

"Hoe gaat het nu met Fransje?", vragen veel mensen die mijn boek hebben gelezen. De vraag is niet eenvoudig te beantwoorden, omdat het vertrekpunt zo verschillend kan zijn. Met Fransje gaat het goed, als je haar toestand beziet in het licht van de levensverwachting van alzheimerpatienten. We maken grote wandelingen en zingen uit volle borst. Ook kunnen we nog steeds emoties delen. Er gaat ook veel niet zo goed meer en wij proberen daar zo goed mogelijk mee om te gaan.

In mijn boek heb ik benadrukt dat er drie factoren zijn die positieve invloed hebben op de progressie van de ziekte: liefde en aandacht van familie en vrienden, beweging en zingen. Laatst liet Sander, de zoon van Fransje, ons meeleven met een kerkbezoek met zijn moeder. Hij had zich verbaasd over het gemak en vooral het plezier, waarmee Fransje alle liederen kon meezingen.

In mijn boek was ik op zoek naar de achtergronden van het positieve effect dat zingen op mijn vriendin heeft. Een vriendin wees me op Musicofilia van Oliver Sacks, waarin een hoofdstuk staat over Muziek en Identiteit, dementie en muziektherapie

Sacks stelt de vraag of het verlies van het zelfbewustzijn of van bepaalde mentale aspecten ook het verlies van het ik betekent?
Als Jacques in As you like it van Shakespeare nadenkt over de zeven levensfases van de mens, beschouwt hij de laatste fase als “zonder alles”! Maar, zegt Sacks, een mens is nooit zonder alles. Aspecten van het wezenlijk karakter, van de persoonlijkheid en het persoon-zijn, blijven bestaan. (Zie het laatste hoofdstuk van mijn boek).
Het lijkt alsof de identiteit zo’n uitgebreide neurale basis heeft, alsof de persoonlijke stijl zo diep in het zenuwstelsel is doorgedrongen, dat ze noot geheel teloorgaat. De reactie op muziek blijft behouden, zelfs als de dementie vergevorderd is. Daarom is muziektherapie zo belangrijk.
Het doel van muziektherapie bij mensen met dementie is heel breed: het richt zich op emoties, cognitieve vermogens, gedachten en herinneringen, het overgebleven ik. Het doel is het bestaan te verruimen en te verrijken.
Muzikale perceptie, emotie en geheugen kunnen voortbestaan lang nadat andere vormen van geheugen zijn verdwenen.
Sacks noemt een voorbeeld van een vrouw, die al zeven jaar aan dementie lijdt, die iedere dag enkele uren piano speelt. Hij noemt voorbeelden van intensivering van het muzikaal vermogen. Opvallend is dat in alle genoemde voorbeelden, mensen al langer Alzheimer hebben.
Nu de vraag: heeft Fransje haar identiteit behouden? Misschien ten diepste wel? Ze is nog steeds hoffelijk en goed opgevoed, innemend! Maar ook nog steeds snel aangebrand. Natuurlijk heeft ze een identiteit. Ze heeft een verleden en een toekomst, ze heeft een lichamelijke verschijning en haar muzikaliteit is nog volledig in tact. Tijdens het zingen is Fransje zeer aanwezig. Het besef te kunnen zingen stimuleert het zelfbewustzijn enorm. Het maakt levendig, scherpt de concentratie en vermindert de onrust. Het kan de alzheimermens aan zichzelf teruggeven en prikkelt de bewondering.
Soms gaat muziektherapie individueel, soms in de groep. Het bouwt een band onderling en met de therapeut.
“Samen” is ook voor Fransje een cruciale term.
Het verplegend personeel ziet mensen ineens in een heel ander licht, als mensen met een verleden, die iets kunnen.
Volgens Sacks is er ook een langere termijneffect bij mensen met dementie, zoals verbetering van stemming, gedrag en cognitieve functie.
Dementie is geen belemmering voor emotionele diepgang. Er is wel degelijk een IK.
Welke gebieden in de hersenschors zijn verantwoordelijk voor de muzikale intelligentie? Cortiaal en emotie is subcortiaal. Muziek hoort kennelijk onverbrekelijk bij het menszijn.

07032011/hm

Saturday, March 05, 2011

Mojo is dood


Mojo is dood! Zo maar plotseling en ineens. Tussen half vijf donderdagmorgen en negen uur moet hij iets van hartfalen hebben gehad, waardoor zijn achterlijf verlamd was. Hij had de hele nacht vredig bij Charlotte op het hoofdkussen geslapen. Dat deed hij sinds we terug zijn uit Istanbul. Tegen half vijf wilde hij eruit om zijn behoefte te doen. Die doet hij altijd in de tuin. Toen ze hem tegen negenen binnen wilde laten, zat hij stil voor de deur op de mat. Ze zag meteen dat er iets mis was. Hij liep moeilijk, omdat zijn achterpoten het niet meer deden. Ze waren koud en stijf. Opwrijven hielp niet. Toen het tegen tienen niet veel beter met hem ging, belde ze de dierenarts. Die raadde haar aan meteen te komen. Mo liet zich gewillig in het mandje helpen, dat voor dit soort ziektegevallen is bedoeld. Alsof hij besefte dat hij hulp nodig had.

Omdat hij nergens tekenen van beschadiging vertoonde die op een aanrijding of een val konden wijzen, constateerde de dierenarts dat er hoogstwaarschijnlijk ergens een bloedprop moest zitten als gevolg van hartfalen. Moeilijk te behandelen, zei ze. Misschien konden ze aan de faculteit diergeneeskunde in Amsterdam nog iets voor hem doen, maar ik denk dat ze dat zonder veel overtuiging heeft gebracht. Charlotte voelde niets voor gesleep, gezeur en veel lijden en heeft toen besloten hem direct te laten inslapen. Niet eerst mee naar huis nemen en vervolgens constateren dat het toch niet zou gaan.

Ze had ons gebeld, maar wij waren bij Lenie Bos de twee contrapunten halen. Ik belde haar terug zodra ik het bericht op mijn voicemail hoorde. Ze waren nog bij de dierenarts. Wij reden er langs om haar in de laatste ogenblikken van Mojo bij te staan, maar die had zijn laatste adem al uitgeblazen.

Wat een idiote gewaarwording. Mojo, onze tijger, die zo genoot van het leven op en rond de boerderij is er nu ineens niet meer. Als Charlotje over een week naar Rome gaat hoef ik hem geen eten te geven. Zit hij niet meer te wachten op het stoeltje naast de deur als ik over het pad kom. Komt hij niet meer aansluipen om het hoekje. Hoeven we hem nooit meer te roepen, als hij even geen zin heeft en ergens lekker in het warme zonnetje ligt te slapen. Nooit zal hij meer tegen me aan komen dringen als ik op het zwarte bankje zit. Alles heeft zijn eind, maar dit is wel erg abrupt. Hij ligt nu vredig onder de rhododendron in de tuin. Maar wel erg dood.

Wednesday, March 02, 2011

Kleine baantjes / de schoenpoetser


Na een bezoek aan de Chorakerk bij de Stadsmuur daalden wij af naar de Gouden Hoorn door de wijken Fener en Akay. Onze bedoeling was om langs het water terug te lopen naar De Brug van Geert Mak. Ik had er een romantische voorstelling bij, maar die verdween al snel met de gure noordoosten wind. In het verlaten park liep ons een schoenpoetser tegemoet met standaarduitrusting. In zijn linkerhand droeg hij zijn doos met smeer en doeken in zijn rechter de borstel. Het leek of hij liep te dromen en ons niet zag. Vlak voor ons liet hij zijn borstel vallen. Wij zagen het en riepen hem na. Hij draaide zich om en pakte met een grote grijns en een diepe buiging zijn borstel van de grond. Zijn dankbaarheid kende zijn grenzen! Als blijk van waardering wilde hij onze schoenen wel poetsen `for free`! Het zou onbeleefd zijn om zijn aanbod af te wijzen.

Dus zette ik als eerste mijn voet op de doos van de schoenenman. Op zijn aandringen volgden een voor een de voeten van Ger en Charlotte. Tijdens het insmeren en borstelen vertelde hij dat hij uit Ankara kwam, vier kinderen had die alle vier erg ziek waren en dat hij voor hen de kost moest verdienen. Ons hart bloeide open. `We geven hem wat!` besloten we en gul haalden we een briefje van vijf Turkse Lira uit onze zak. Toen we hem die onder de neus hielden haalde hij die op. Vijf Turkse Lira waren niet voldoende. Hij wilde meer. Toen wij hem er uiteindelijk acht gaven was hij nog steeds niet tevreden.

Later zagen we dat er voor het poetsen van een paar schoenen een tarief bestaat van twee Euro. Drie paar schoenen is dus goed voor zes Euro en zes Euro´s zijn ongeveer tien Lira´s. Die twee Lira´s verschil moeten we maar beschouwen als zijn blijk van dank voor de "gevonden borstel".

Pas veel later vertelde ik mijn reisgenoten dat de schoenborstel niet voor niets uit zijn handen gevallen moest zijn.

Tuesday, March 01, 2011

Istanbul - stad van tegenstellingen

Alvast een voorproef! Het verhaal volgt:

Tuesday, February 22, 2011

Het Zeer Korte Verhaal (2)

Ik moet wel stekeblind en horend doof zijn om nu de wereld in brand staat een zeer kort verhaal te kunnen schrijven over een onomkeerbare gebeurtenis in het leven van mijn eigen zandkorrel. Of misschien is het wel het onomkeerbare dat ik het niet meer aan kan zien. Vanmorgen keek ik om een hoekje naar Willem Vermeend die in Wakker Nederland zich zorgen maakte over de olieproductie in Libië. En even erna zag ik onze dreutel van Buitenlandse Zaken zeggen dat Italië en Griekenland beschermd moeten worden tegen de mogelijke instroom van vluchtelingen uit Libië. Hoe krijg je het uit je mond. Zou die ook zijn dokterstitel gejat hebben?

Mijn moeder waarschuwde me vroeger al voor de macht! "Wantrouw ze!", riep ze me op. Dus helemaal objectief ben ik niet. Maar in deze tijden van morele nood hoop ik altijd weer op het verlossende woord van onze koningin. Die sprak nu niet zelf, maar liet een goede vriend het woord doen. En Wilders treedt op bij de schutterijvereniging in Boertange. Maak hier maar eens een ZKV'tje van.

Friday, February 18, 2011

Het Zeer Korte Verhaal

Vanmorgen reed ik in een grijze wintermorgen naar mijn mevrouw acupunctuur om naalden te laten zetten. Ik luisterde naar Radio 4. Vaste gast is daar de bekroonde schrijver van het Zeer Korte Verhaal, A.L. Snijder. Ik spitste de oren toen de presentator hem aankondigde. Want ik wil graag de geheimen van korte verhalen leren kennen, sinds ik me heb voorgenomen iets dergelijks in te sturen voor de Opium Verhalenwedstrijd van de AVRO. De deskundige jury eist een levensgebeurtenis van grote omvang in vijfhonderd woorden. Voor niet-schrijvers: dat is ongeveer een A4-tje. Ik oefen me in korte blogs, maar dat voelt anders dan een ZKV‘tje. Dus luisterde ik aandachtig naar de droge stem van A.L.Snijders. Ligt bij die stem misschien een deel van het geheim. De presentator vroeg hem ter introductie hoe het met hem ging deze morgen en de schrijver antwoordde: “Ik heb in deze grijze, natte morgen houtjes gehakt om de kachel aan te steken.” En, voegde hij eraan toe, hij was weer blij met de rust en regelmaat der dingen. Want iedere wintermorgen hakte hij houtjes. De presentator vond het kennelijk erg kaal en voegde toe dat misschien het woord reinheid hier ook wel van toepassing was. Maar daar wilde Snijders niets van horen. Voor dat soort zedelijke prietpraat voelde hij zich te oud. Rust en regelmaat waren meer dan voldoende. En vervolgens las hij zijn Zeer Korte Verhaal van deze morgen. Kern van het verhaal was een hekel rondeel van de 15e eeuwse Vlaamse dichter Anthonis de Roovere, dat hij terloops met aardse stem voordroeg:

Die gheen pluymen en can strijcken
Die en dooch ter werelt niet
Is hy aerm / hy en sal niet rijcken
Die gheen pluymen en can strijcken
Alomme soe heeft hy tachterkijcken
Hy wordt verschouen / waer men hem siet
Die gheen pluymen en can strijcken
Die en dooch ter wereldt niet.

Bij nader inzien vond hij het verrassend modern en merkte op dat er in de zes afgelopen eeuwen kennelijk weinig is veranderd. Misschien ligt in die constatering wel het succes van het Zeer Korte Verhaal. Er verandert niet zoveel in de wereld en als je weinig woorden gebruikt kom je misschien wel bij de kern.

Ook mijn leven is niet meer dan een zandkorrel in een zee van vele zandkorrels. Zelfs als ik het oppoets of grootmaak, wordt het nooit meer dan een zandkorrel. Bescheidenheid siert de mens. Leve het korte verhaal. En dan nog die droge voorleesstem.

Monday, February 14, 2011

De Staatssecretaris en mijn boek


Afgelopen zaterdag was staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Santen op werkbezoek in Huizen. De lijsttrekker van het CDA in de provincie, Ciel Stevens, was meegekomen. Het was een CDA bezoek. Wethouder Janny Bakker had het initiatief genomen om haar partijgenoten kennis te laten maken met aspecten van de ouderenzorg in Huizen. Het gezelschap ging op bezoek in het Voor Anker, waar net een nieuwe verpleegafdeling is geopend. Bij de verpleging zullen familie, vrienden en mantelzorgers intensief betrokken worden. Ze bezochten ook de zorgwoningen in De Ruijterstraat en ze spraken met elkaar over noodzakelijke vernieuwingen in de zorg.

Het kabinet wil de ouderenzorg overlaten aan gemeenten. Janny Bakker is daar een voorstander van, mits de regelgeving wordt versoepeld, zodat gemeenten ook echt maatwerk kunnen leveren. Dat laat ze op haar weblog weten. Nu wordt de zorg voor mensen die niet meer in een eigen huis kunnen wonen betaald uit de AWBZ. De wens van de wethouder is dat wonen en zorg uit gescheiden budgetten worden betaald. Het wonen betalen mensen zelf, de zorg wordt betaald uit de AWBZ. Je moet insider zijn om te begrijpen waar de problemen precies zitten. Maar Janny gaat het vast nog een keer uitleggen.

Als blijk van waardering voor het bezoek heeft Janny Bakker de staatssecretaris mijn boek Het is zoals het is aangeboden. Ben ik best een beetje trots op. Ook maar een mens. In Janny's woorden zelf:

Vooral de titel van het boek van Nel Hoogmoed sprak haar erg aan, mede vanuit haar eigen ervaringen in het verleden als verpleeghuisarts. Ik gaf zelf een toelichting op de inhoud van het boek, dat vooral praktische informatie geeft over het dagelijks leven van mensen met de ziekte van Alzheimer en de gevolgen van deze ziekte voor de relatie met hun vrienden en familie. De staatssecretaris beloofde dit boek zeker te zullen gaan lezen.

Overigens vertelt mijn boek een unieke ervaring van een unieke vriendschap met een uniek mens. Maar het is waar: zo kan het ook. En als mijn boek mensen inspireert en troost is het mooi meegenomen.

Saturday, February 12, 2011

De Wereld op zijn kop

Toen gisteren even over vijven het bericht kwam dat Mubarak eindelijk was afgetreden, sprongen de tranen me in de ogen. Wat een overwinning voor al die jonge mensen op het Tahirplein, die deze omwenteling in gang hebben gezet en die hebben volgehouden. Wat een kracht wat een vitaliteit wat een geloof in eigen kunnen.

In Egypte vindt een sociale revolutie plaats met hulp van sociale media, weblogs, Twitter en Facebook. Egypte heeft al sinds een jaar of vier een blogtraditie opgebouwd. Jonge Egyptenaren doorbreken in hun blogs het informatiemonopolie van het bewind. Naast de officiële staatsinformatie verspreidde zich zo het soort informatie dat mensen herkenden als hún werkelijkheid.

De wereld zal nooit meer worden wat die was. Daar gaan we. Eerst was er Wikileaks dat de gevestigde orde kraakte, nu deze machtige en overweldigende volksopstand die over de hele wereld is te volgen. Misschien is dat wel de reden dat de oude machthebbers niet hebben ingegrepen.

De opstand werd gedreven door het verlangen naar vrijheid, waardigheid en economische gerechtigheid. Dat was even wennen voor de Westerse media, die er rechtstreeks politieke motieven achter zochten en allerlei doemscenario's schetsten met als thema's Israël, Christenen, Islamisering en het Suezkanaal. In plaats van de gebeurtenissen op het plein te volgen, kregen we de praatprogramma's waarin zuurpruimen van allerlei gezindten ons op de gevaren wezen. Gelukkig leven er Egyptenaren in ons land die ons bij de les kunnen houden. Het is hun revolutie. Ons past toekijken en vooral moreel steunen. Nu kunnen we eindelijk eens laten zien hoe democratisch we zijn.

De betogers vragen een menswaardige en rechtvaardige samenleving en roepen op tot dialoog. Geen enkele beweging of partij claimt het leiderschap. De macht is nu aan het leger. Dat zal het voortouw moeten nemen bij het organiseren en garanderen van democratische verkiezingen. Er is nog zo'n land in de Arabische wereld waar het leger jarenlang die rol heeft vervuld.

Sunday, February 06, 2011

Ze is er ook nog

“Leuk boek hebt u geschreven”, zei gisteren een verzorgster in het huis waarin mijn vriendin nu woont. “Leuk boek”. De opmerking sloeg me met stomheid. Ik heb al veel opmerkingen gehoord over mijn boek, maar dit was een nieuwe. “Leuk boek.” Het was de gelegenheid niet om te vragen wat zo leuk is aan het boek. Maar zelf voegde zij nog toe: “Het verklaart een heleboel.” En die laatste opmerking puzzelde me mogelijk nog meer dan de eerste. Wat zou mijn boek kunnen verklaren?

Mijn vriendin lijdt aan de ziekte van Alzheimer. Dat is inmiddels wel bekend. Sinds anderhalf jaar woont zij in een verzorgingshuis met andere mensen die niet meer zelfstandig kunnen wonen. Een van de problemen waar mijn vriendin mee kampt is dat zij niet kan vertellen wie ze is en wat haar geschiedenis is. Uit mijn eigen levenspraktijk weet ik, dat mensen daar erg nieuwsgierig naar zijn. Wie ben je en wat doe je.

In de ontmoeting met De Ander helpt het als die zich kan voorstellen. Mijn vriendin kan dat niet. Maar dat betekent niet dat ze geen verleden heeft. En er zijn anderen die iets over dat leven kunnen vertellen. Zij heeft twee kinderen, een broer en een zuster, en vrienden, die haar regelmatig bezoeken. Al die mensen kunnen iets vertellen over het leven van mijn vriendin, wie ze is, wat ze heeft gedaan, wat haar beweegt en bezighoudt.

Ik vind het ineens heel erg gek dat de verzorgenden in het verpleeghuis dat niet weten. Dat ze met mijn vriendin leven zonder te weten wat haar levensgeschiedenis is. Dat ze mijn boek nodig hebben om mijn vriendin in een decor te plaatsen. Dat moet toch anders kunnen.

Voor wie het weten wil: mijn vriendin viert vandaag haar eenenzeventigste verjaardag.

Tuesday, February 01, 2011

Contrapunt 5 en 7

Contrapunt is een roman van Anna Enquist over het verlies van haar dochter. Contrapunt is ook een term uit de muziek, vaak gekoppeld aan de onweerstaanbare muziek van Johan Sebastian Bach. Die twee komen nu samen in een serie van acht schilderijen van Lenie Bos. Lenie schrijft er zelf over:

"Het boek Contrapunt van Anna Enquist heb ik gelezen en beluisterd, weer geluisterd en meegelezen. Ja, dat is het, daar ga ik meteen acht schilderijen van maken. Iedere DC een schilderij. De combinatie van schrijven en muziek vind ik prachtig en spreekt me aan.`

Ik volg al jaren het werk van Lenie Bos. Iedere Atelierroute bezoek ik Theater De Boerderij uit nieuwsgierigheid naar haar nieuwe werk. Lenie ontwikkelt zich voortdurend en onvoorspelbaar. Lenie lijkt voortdurend op zoek. Haar inspiratiebron is meestal de natuur, maar niet de natuur zoals die zich in alle realisme aan ons voordoet. Nee. Lenie schildert de natuur naar de geest van Lenie in sprekende, felle kleuren en stevige vormen. Lenie schildert groot.

Maar niet in de contrapunten. Hier heeft zij een andere inspiratiebron gekozen. Een veel intiemere, namelijk het verdriet van een moeder die haar dochter heeft verloren. Ze legt haar herinneringen vast in de vormen van een muziekstuk van Johan Sebastian Bach. Lenie heeft geluisterd en gelezen en nog eens gelezen en geluisterd en de emotie op doek vastgelegd.

Mijn geduld is beloond. Ik ben een liefhebber van de muziek van Bach. Zijn muziek geeft orde en rust aan de chaos in mijn hoofd. Met de Goldberg variaties op de achtergrond kan ik mijn verhalen schrijven. Ik weet dat Anna Enquist ook houdt van Bach. Ik houd nog niet van haar werk, omdat ik het te houterig vind. Maar ik ga nu zeker Contrapunt lezen. En dat allemaal dankzij Lenie. Zelf een mens van weinig woorden!

Friday, January 28, 2011

Juryrapport vertaalwedstrijd Gooise Poëzienacht

JURYRAPPORT POEZIEVERTAALWEDSTRIJD

Het vertalen van een gedicht is meer dan het eenvoudig omzetten van zinnen in een andere taal. Eigenlijk is het veel meer. De vertaler moet niet alleen proberen de Engelse woorden correct te vervangen door Nederlandse, maar hij moet tevens in staat zijn zowel de essentie, de klankkleur als het ritme van het oorspronkelijke werk te laten doorklinken. En dat valt voor de drommel niet mee. Zeker niet nu de bedenkers van deze wedstrijd u een gedicht voorschotelden van de Welshman Dylan Thomas. Zoals wij allen weten een befaamd dichter, zo befaamd zelfs, dat hij bijvoorbeeld de bij leven al legendarische singer-songwriter Bob Zimmerman, geïnspireerd heeft tot het voeren van zijn naam. De zanger noemt zichzelf Bob Dylan.
Dylan Thomas. Een man die heftig geleefd heeft en ook heftige poëzie schreef. Die heftigheid lezen we terug in een van zijn beroemdste gedichten Do Not Go Gentle Into That Good Night. U heeft zich vastgezet in dit gedicht. Sommigen van u hebben geprobeerd in de buurt te komen van de essentie , vergaten het rijmschema, anderen hebben weer gepoogd juist vast te houden aan het rijmschema en waren dan weer minder nauwkeurig met de betekenis , weer anderen hebben getracht in alle vrijheid hun eigen interpretatie van het gedicht te geven.

U zult begrijpen dat de jury het met al uw dappere pogingen om dit steigerend gedicht te temmen niet makkelijk heeft gehad. Laat ik dan ook beginnen onze enorme waardering uit te spreken voor de energie en de geestdrift waarmee u te werk bent gegaan. Voor ons als jury krijgt het origineel van Dylan Thomas juist door uw vertalingen nog meer glans en nog meer betekenis. Onze liefde voor het gedicht werd alsmaar groter. U allen verdient een geweldig applaus. Maar u zult begrijpen, we zijn niet voor niets een vakjury, dat we ook hebben gekeken naar het uiteindelijke resultaat. Om dat te wegen hebben we drie zaken bijzonder zwaar mee laten tellen. In de eerste plaats hebben we er op gelet of de vertaler de bedoeling van de dichter wel had begrepen, in de tweede plaats hebben we de cadans van de vertaling vergeleken met die van het origineel, en natuurlijk , op de derde plaats, hebben we het rijmschema beoordeeld dat de vertaler had gebruikt . Het rijmschema dat de zinnen van het gedicht van Dylan Thomas zo prachtig samenbindt.

Waar gaat dit gedicht over? Naar onze mening roept de dichter zijn vader op zich met alles wat in hem is te verzetten tegen dood. Hij geeft voorbeelden van mensen die dat ook hebben gedaan. Wijze, goede,woeste en ernstige mensen. De dichter haalt alles uit de kast. Hij kan zijn vader niet missen. Hij wil hem niet missen. Als u naar het oorspronkelijke gedicht kijkt ziet u dat het een strak rijmschema voert met als belangrijkste klanken (fonetisch de ee en ai-klank). Open klanken waarin je het vuur van het verzet, maar ook van het leven zelf kunt zien branden.
Het gedicht heeft een mooie cadans, een heftig ritme en het heeft krachtige woorden. Dat alles moest terugkomen in de vertalingen.
U heeft gezien in de bibliotheken welke vertalingen wat ons betreft de toets van onze kritiek hebben kunnen doorstaan. U heeft ook zelf een keuze gemaakt. De publieksprijs is voor het gedicht dat u gekozen heeft. Maar de jury heeft ook een keuze gemaakt.

Uit de vijf gedichten hebben wij unaniem, er was geen discussie over, gekozen voor één gedicht, omdat het voldoet aan alle eisen die wij van te voren gesteld hadden. De zin Do Not Go Gentle Into That Good Night is prachtig vertaald in Laat Je Niet Gedwee Die Zoete Slaap In Glijden. De paradox die in de oorspronkelijke zin verborgen zit is subliem over gezet. De vertaler heeft heel goed begrepen welke tegenstrijdige gevoelens de dood kan oproepen. Door deze vertaling van de titel van het gedicht geeft de vertaler er al meteen blijk van dat hij de bedoeling van Dylan Thomas doorgrond heeft. De dood doet zich misschien mooi voor, maar er blijft tot het laatst toe alle reden om er je tegen te verzetten.Daar gaat het gedicht over. De dood is een duivel. Nooit een vriend. De mooie open rijmklank ai is omgezet in een even melodieuze ij-klank in het Nederlands. Prachtig gevonden vinden wij. Daarin brandt evenzeer het vuur van verzet, het vuur van het leven. De vertaler heeft de cadans gevonden die het origineel zo onweerstaanbaar maakt en ook de woorden die hij kiest zijn even heftig als die Dylan Thomas gebruikt. Ik noem woorden als verwoed, toorn, vechtlust,smacht.

De jury is erg benieuwd wie straks als winnaar naar voren komt, want wij hebben alleen maar nummers bij de vertaling gezien. Hier komt de uitslag:de jury maakt hierbij bekend dat de winnaar is…gedicht nummer 19
Hij/zij is de winnaar Poëzievertaalwedstrijd 2011. Die winnaar is dus Marion Huismans-Kuyper uit Blaricum.

Frits Spits, voorzitter
Nel Hoogmoed
Gerard Beentjes

Voor de winnende vertaling zie mijn poezieblog.

Wednesday, January 26, 2011

Blog dilemma

Laatst vond ik bij de commentaren op mijn blogberichten een waarschuwing van een anonymus of ik wel wist dat alle foto's in mijn fotoalbum, dat te raadplegen is via dit weblog, gebruikt kunnen worden door onverlaten met dubieuze bedoelingen. Ik moest de mededeling meerdere keren lezen om hem te begrijpen. En toen ik hem begreep, werd ik kwaad en verdrietig. Want ik wilde een blog schrijven over ons nieuwe leven, Olivia, Juliette, Maria, de blozende dochter van Rita en Dik. En daarbij wilde ik een mooie foto plaatsen van haar gezonde, bolle wangen. Dat doe ik nu dus niet, want stel je voor dat onverlaten er iets geks mee doen. Om te weten wat ontbreekt me de fantasie.

Maar kan dit weblog dan eigenlijk nog wel? Naast de relatief ongevaarlijke berichten uit de samenleving wil ik hier nog wel eens iets recht uit het hart schrijven. Zou dat soms ook niet meer kunnen? Kunnen mensen daar ook mee op de loop gaan. Ik heb me mijn hele leven nog niets gelegen laten liggen aan bedreigingen en al helemaal niet als ze anoniem zijn. Maar dit gaat niet over mij. Dit gaat over anderen die mij dierbaar zijn.

En ineens is het leven te ingewikkeld voor me. Ook als reactie op mijn boek hoor ik mensen zeggen: ik zou me nooit zo laten kennen. Ga ik me nu terugtrekken achter de dikke, dubbele deuren van mijn nieuwbouwwoning in een keurige buitenwijk van een gemiddelde groeigemeente in het midden des lands. Als u even niets hoort, weet u waardoor het komt.