Thursday, February 19, 2015

Kunstkijken en beleven in Huizer Museum

Van het ene op het andere moment stapte ik rond in het schilderij van Adri Pieck: De Huizer Kerkgang. Het was mijn keuze uit de vijf aangeboden kunstwerken, die in het bezit zijn van het Huizer Museum. Ik nam met negen andere vrouwen(!) deel aan de workshop Ik zie het zo in het Huizer Museum. Niet om het weten, maar om het beleven. Ik had geaarzeld tussen de Huizer kerkgang van Adri Pieck en Twee Vissers van Tymen Moll.

 
Foto: Esther Bayle
Uiteindelijk werd het de kerkgang. De kerk is immers het hart van Huizen in meerdere opzichten. In dit dorp woon ik al meer dan veertig jaar en op verschillende manieren heb ik te maken gehad met de christelijke fundamenten. De kerkgang deed me ook denken aan de zondagen in mijn jeugd, toen ik met mijn vader naar de dorpskerk ging waar mijn moeder in het kerkkoor zong. Persoonlijke ervaringen en belevingen spelen een grote rol bij het kijken naar kunst. Dat wist ik natuurlijk al, maar tijdens de workshop werd het nog eens bevestigd. Er zijn minstens twee soorten van kijken, nl. objectief kijken waarbij je eigen ervaringen en oordelen uitschakelt en kijken met hart en ziel.

De eerste opdracht was objectief kijken: wat zie je op het schilderij. Ik noteerde: een kerkgebouw, groepjes mensen die naar de kerk gaan, twee vrouwen, een vrouw alleen, een man en een jonge vrouw en in de verte drie vrouwen en een man. De zon schijnt. Hij staat in het zuid oosten. De bomen staan volop in de zon en dragen voorjaarsdracht. Zijn het linden? Groeien die zo vrolijk? Het kostte me moeite om mijn kennis van het dorp uit te schakelen. 

De tweede opdracht had veel met beleven te maken: ik liep rond in het schilderij. Ik moet keuzes maken. Ben ik een van de figuren, of ben ik een buitenstaander, een bespieder. Ik koos voor het laatste. Ik zag anderen naar de kerk gaan, ik hoorde de klokken en het zachte orgelspel. Ik zou niet naar binnen gaan. Gek eigenlijk. Waarom niet? Wat weerhield me? Meestal ben ik niet tevreden met de rol van toeschouwer. Achteraf lag het aan de opdracht. Ik moest rondkijken in het schilderij, niet mee beleven.
 
Bij de volgende opdracht stapte ik in de huid van de schilder die ’s avonds in zijn dagboek noteert wat hij die zondag had gedaan. De Huizer kerkmensen waren niet blij geweest met mijn nutteloze bezigheid. Ze hadden me geen blik waardig gegund. Bij twee andere cursisten was de schilder zelfs bespuugd. Dat doen Huizers niet, dacht ik. Die kijken en lopen misprijzend door. Misschien wel een beetje meewarig, zoals de twee Vissers van Tymen Moll ook een beetje meewarig naar iets kijken, dat we niet zien. Ik was niet ontevreden met het schilderwerk van die dag. Ik had  met die lichte bomen de zwaarte aan de kerkgang ontnomen. Ik eindigde de opdracht met de verzuchting dat ik geen schrijver ben, maar een schilder.  

Bij de derde opdracht moesten wij een dialoog schrijven met een van de personen op het schilderij. Ik koos de vader en de dochter rechtsonder. Toen ze langsliepen vroeg ik waar moeder was. De man antwoordde dat moeder ziek te bedde lag. Ernstig?, vroeg ik. De man zei dat de dokter was geweest, maar dat hij het niet wist. “We bidden tot de Heer”, verzuchtte hij. Het gesprek was afgelopen. Dit deel van de workshop ook. We eindigden met een rondgang langs de vijf schilderijen en kregen een les kunstgeschiedenis. 

Saturday, February 14, 2015

Huiswerk Doe-Zijn modus

Soms heb ik veel moeite om de wereld te volgen. Hier een voorbeeld. Voor mijn cursus Mindfulness, tien zittingen van tweeëneenhalf uur, moet ik huiswerk maken. Elke dag moet ik meditatie oefenen: ik ga comfortabel zitten of liggen en wordt me gedurende een half uur bewust van mijn ademhaling, mijn lijf, mijn angsten en mijn boosheid. De bedoeling van het geheel is dat ik met aandacht in het hier en nu leer leven. Ik ben een doenerig baasje en dat heeft me veel gebracht, maar nu is de energie op, waardoor doorleven op de oude manier niet verstandig lijkt. Omdat ik niet weet hoe leven zonder plannen, klussen, uitdagingen, denken moet, zit ik op de cursus Mindfulness. Mindfulness is de westerse variant van zen, want voor echt Zen moet ik eerst nog oefenen.

Ik en mijn zeven cursusgenoten zijn nu vier lessen verder en het kost me nog steeds moeite om mijn huiswerk oefeningen serieus te nemen. Huiswerk maken is volgens mij Doen, plicht, discipline en dat lijkt me zo in tegenspraak met Zijn, rust en ontspanning. Ik wil best oefenen, maar dan op de momenten dat het mij het beste uitkomt. En ik wil niet altijd de oefeningen doen, die volgens het huiswerk schema moeten. Maar ik zie er tegenop om dat in het rondje van terugkoppelen te melden, omdat het me zo aan mijn oude leven doet denken.

Saturday, February 07, 2015

Mijn vriendin en haar zoon

Vijf en zeventig werd ze gisteren. Wie had dat kunnen bedenken toen zo’n jaar of tien geleden bij haar de ziekte van Alzheimer werd geconstateerd. Ik niet in ieder geval. Ik kon me niets bedenken. Alzheimer was binnengetreden in haar leven. De enige zekerheid was dat hij zou blijven, totdat de dood haar zou komen halen. Mijn vriendin leefde alleen, dus was er niet een vanzelfsprekende mantelzorger. Gelukkig woonde ze in een samen wonen en leven buurt waar de buren op haar wilden letten. Vrienden en familie zorgden samen voor de losse einden van het zorg netwerk. Na een jaar of vijf was het netwerk niet meer veilig. Mijn vriendin werd opgenomen in een verpleeghuis. De eerste jaren op een open afdeling. Ze had het er niet naar haar zin. Nu woont ze op een gesloten afdeling. Dat geeft meer rust voor haar en de anderen.  

Omdat ik door omstandigheden een tijdje niet was geweest, kende ik de toegangscode niet en moest ik bellen. Ze zat in haar grote rolstoel aan de ronde tafel omgeven door huisgenoten, haar zoon, haar ex man en de vriendelijke mevrouw die haar nu al jaren iedere vrijdag bezoekt. Haar zoon voerde haar kleine stukjes taart waar ze van genoot en de vriendelijke mevrouw hield haar hand vast.
“Kijk daar is Nel ook”, zei haar zoon. Ze draaide haar hoofd en glimlachte. Ik herinnerde me haar verjaardag van vorig jaar, toen het leek of ze me even herkende. Nu keek ze naar me en zag me niet. Ik haar wel. Ik kreeg een plek naast haar zodat ik haar aan kon raken. Ze voelt nog even zacht als vroeger. Omdat haar zoon aan de andere kant naast haar zat, kon ik hun gezichten in een beeld vangen. Nu pas viel me de gelijkenis op. Groot en blond, met zachte, vriendelijke ogen, een hele lichte glimlach, een jonge, tere huid met wat rimpels rond de ogen. Mijn dierbare vriendin met haar zoon. Ze zaten hand in hand en lachten wat naar elkaar. Het beeld zal ik niet gauw vergeten.

Tuesday, February 03, 2015

Kantelaars en dwarsdenkers

Lees en zie tegenwoordig veel hoopvolle berichten over dwarsdenkers en kantelaars. Links Nederland hoopt dat zij de wereld gaan veranderen. Je komt ze op veel plaatsen tegen: in het onderwijs, in de zorg, in de kunsten, en zelfs in de kerken; je ziet ze op televisie en soms ook gewoon op straat. Ik geniet van ze, lach met ze en huil mee als het mislukt. Ik heb geen flauw idee of de linkse politieke bewegingen in Zuid Europa gevaarlijk zijn voor de stabiliteit, maar omdat ze aan de poten schudden van dat enge Europa dat langzaam een luchtbel van illusies is geworden, krijgen ze mijn steun.

Staan we aan het begin van nieuwe tijden? Ik zou het graag willen. Ik vind de oude sleets en verkrampt. Maar de verstarde, gevestigde systemen zijn machtig. Voor echte verandering is durf nodig. Is dat er in voldoende mate? De mensen in Griekenland en Spanje willen wel. Die hebben weinig te verliezen. Maar wij in het gezapige Noorden. Durven wij ook. Of wachten we liever op de grote boem als alles in elkaar dondert.

Thursday, January 29, 2015

Een huis in Frankrijk

Nu de lente begint te kriebelen, durf ik heel voorzichtig te dromen van een nieuw verblijf in het huis van mijn lief in de Ardèche. Twee jaar zijn we er niet geweest en ik heb het schrijnend gemist. Dat vergt enige uitleg. Het huis staat in de noordelijke Ardèche, door mij de boeren Ardèche genoemd. Dat om verwarring met het drukke toeristische gebied bij de rivier de Ardèche te voorkomen. Het huis staat aan het einde van een langgerekt dal in een kleine buurtschap met drie andere huizen. Links van ons boert een geitenboer, rechts een fruitboer en het andere huis is het tweede huis van onaardige Fransen, die er gelukkig meestal niet zijn. In de zomer en in de winter is het er stil. We wandelen en fietsen in de omgeving en genieten van alles wat het land geeft. We genieten er vooral van de rust. Tijdens onze tochten kan het gebeuren dat we niemand tegenkomen.

In Frankrijk op de campagne ontsnappen we aan de hectiek van het leven in een overbevolkt land, waar mensen elkaar nauwelijks de ruimte gunnen. In Frankrijk beleven we de eerlijkheid van het leven op het land. Als we na een lange reis het drukke dal van de Rhône verlaten om het Massif Central te beklimmen voelen we de verandering. We ruiken de brem, het hooi, de dennen, de kastanjes en acacia's. We zien de karakteristieke dorpen verspreid tegen de heuvels liggen. We zijn thuis in ons land waar we ons gaan laven aan het landleven.




Friday, January 23, 2015

Nooit meer Auschwitz



'NOOIT MEER AUSCHWITZ'.
De tekst op het informatiepaneel bij het monument luidt:

'DE ONDERGANG VAN DE JODEN IN NEDERLAND
OP 10 MEI 1940, DE DAG VAN DE INVASIE DOOR NAZI-DUITSLAND, WOONDEN IN NEDERLAND 140.000 JOODSE MANNEN, VROUWEN EN KINDEREN.

TUSSEN 15 JULI 1942 EN 3 SEPTEMBER 1944 WERDEN
MEER DAN 107.000 JODEN GEDEPORTEERD UIT NEDERLAND.
SLECHTS 5.200 OVERLEEFDEN DE NAZI-CONCENTRATIEKAMPEN EN KEERDEN TERUG.

AUSCHWITZ EN SOBIBOR IN POLEN WAREN VERNIETIGINGS-KAMPEN, HOOFDZAKELIJK OPGERICHT OM MASSAMOORD TE BEDRIJVEN. VAN 95.000 JODEN UIT NEDERLAND WAREN DEZE KAMPEN DE EINDBESTEMMING. NIET MEER DAN 500 VAN HEN HEBBEN HET OVERLEEFD.

AUSCHWITZ IS HET SYMBOOL GEWORDEN VAN
DE POGING TOT VERNIETIGING VAN HET JOODSE VOLK.
DIT MONUMENT IS OPGERICHT TER HERDENKING VAN DE HONDERDDUIZENDEN, DE MILJOENEN SLACHTOFFERS VAN RASSENWAAN.

DIT IS EEN PLAATS VAN HERINNERING EN ROUW, VAN SCHULD EN INKEER, EEN WAARSCHUWING VOOR ALLE GENERATIES IN DE HELE WERELD.'

Symboliek
Met de gebroken spiegels geeft beeldend kunstenaar Jan Wolkers uitdrukking aan de gedachte dat 'de hemel na Auschwitz nooit meer ongeschonden is'. Wolkers: "Een gedenkteken maken op de plaats waar de urn met as van slachtoffers uit het concentratiekamp Auschwitz in de Nederlandse aarde rust, lijkt een onmogelijke taak. Hoe kan je een vorm vinden om een misdaad te gedenken waarvan je het gevoel hebt dat die nog niet uitgewist zal zijn als onze planeet over twee of tweeduizend eeuwen in het heelal zal zijn opgelost. Tot barstens toe kan je je hersens afpijnigen of er een beeld wil opdoemen dat die schande en dat leed bij benadering zou kunnen weergeven. Je kijkt naar de hemel en je begrijpt niet dat dat blauwe uitspansel boven die ontzetting heeft gestaan, even onaangedaan en vredig als boven een wei met bloemen. En in een visioen van rechtvaardigheid zie je de blauwe lucht boven je vol barsten trekken, alsof de verschrikking die daar op de aarde onder haar heeft plaatsgehad voorgoed de eeuwigheid geschonden heeft. Zo ben ik op het idee gekomen om gebroken spiegels op dat kleine stukje aarde waar die urn met as ligt neer te leggen. Voorgoed kan op die plaats de hemel niet meer ongeschonden weerspiegeld worden."

Thursday, January 15, 2015

Krakend ijs

Het ijs van onze beschaving is flinterdun. Op diverse plaatsen ontstaan barsten die tot een catastrofe kunnen leiden. Wat doen onze machthebbers? Ze kijken weg of zorgen voor nieuwe barsten. Je moet van goede huize zijn om de verwarring in deze week na de aanslag op Charly Hebdo te kunnen duiden. Wie zijn de kopers van de vijf miljoen uitgaven van het blad, dat gisteren is uitgekomen. Zijn dat de verdedigers van het vrije woord, herdenkers van de slachtoffers, verzamelaars of mensen die hun stem willen laten horen tegen geweld. Bij DWDD, mijn venster op de samenleving, was de spraakverwarring gisteren groot. Giel Beelen gaf ongecensureerd lucht aan zijn emoties. Al die kopers zei hij zijn niet Charly Hebdo. Die hebben de naam gekaapt voor eigen gewin. Gelukkig zat Bas Heijne aan tafel die van goede huize blijkt. Hij kon de verwarring een plaats geven. Mensen willen iets doen in deze onzekere tijden en een blad kopen dat ze anders nooit zouden lezen is een van de manieren. Het is nu nog niet de tijd voor een rationele analyse, vond hij. Dat klopt, maar ik ben wel blij dat sommige mensen de kop koel houden. In de goede traditie van zijn voorganger riep de burgemeester van Amsterdam op om vooral de boel bij elkaar te houden zonder onze verworvenheden in te leveren. Dus iedereen mag zeggen wat hij wil, maar het hoeft niet. En als mensen door het ijs zijn gezakt, steek de hand uit om ze eruit te halen.

Friday, January 09, 2015

Ik ben niet Charlie

Bij nader inzien ben ik niet Charlie en niet alleen omdat ik niet kan tekenen. Ik ben niet zo moedig als de cartoonisten van Charlie Habdo, mis hun overtuiging en ben een twijfelaar. Zij zijn de gelovigen van het vrije woord. Ik van de kreet van de NCRV dat je wel alles mag zeggen, maar dat het niet hoeft. Toen ik nog jong en onbezonnen was vond ik moppen alleen maar leuk als ze het eigen gelijk op de hak namen. Jodenmoppen bijvoorbeeld verteld door Joden, waarin zij zichzelf in het spotlicht zetten. De meeste cartoons begrijp ik niet!

Spot en satire zijn al heel oud in onze samenleving. Bij de Romeinen was het een ware kunst om personen en toestanden op de hak te nemen. Satire lucht op. Maar je hebt een goed ontwikkeld gevoel voor humor en veel relativeringsvermogen nodig om satire op waarde te schatten. Daarom is het bij echte gelovigen niet in trek. Ook machthebbers hebben moeite als ze in het spotlicht worden gezet. Van Aartsen die nu ineens ook Charlie is, liep naar de rechter over een spotprent.

Als de overtuiging flinterdun is, is de angst nabij. Angst kun je wegnemen als je met de ander de dialoog aangaat. Ik blijf geloven in de macht van het woord en de liefde. Maar gebruik het zorgvuldig.

Thursday, January 08, 2015

Wednesday, January 07, 2015

Mijn goede voornemens

Het nieuwe jaar is al weer zeven dagen oud. Gelukkig is het nog niet te laat voor mijn goede voornemens:


Met een opgeruimd gemoed de dag beginnen: iedere dag is er immers een;

Iedere morgen twintig minuten mediteren;

Geen twee dingen tegelijk doen;

Alles wat ik doe met aandacht doen;

Veel stilstaan bij al het moois dat het leven biedt

Gember thee drinken

Vriendelijk zijn tegen anders denkenden

Iedere dag een gedicht lezen en nog eens lezen’

Als het een dag niet lukt, is er morgen een nieuwe dag

Farmaceutica alleen gebruiken als ik goed heb nagedacht over alternatieven

Uit volle borst zingen met lotgenoten

Thursday, January 01, 2015

Niemand wil dood


Niemand wil dood, maar vroeg of laat krijgen we er allemaal mee te maken. Omdat wij in het westen leven alsof er geen dood bestaat, komt hij altijd ongelegen. Dat is bij mij niet anders dan bij een ander. Maar sinds ik vorig jaar te horen kreeg dat er iets in mijn borst zat, dat er niet hoorde, reist de dood met me mee. En geloof me het is geen prettige reisgenoot, omdat hij niet het achterste van zijn tong wil laten zien. Hij grinnikt wat als ik hem vraag of ik snel aan de beurt ben. Ik zoek naar troost. Ik vind die in de weblogs van Pieter Steinz, die lijdt aan de ziekte van ALS en moedig zijn pijn en ellende bestrijdt met citaten uit boeken waarvan hij heeft genoten. Ik put ook troost uit verhalen van lotgenoten die jaren hebben overleefd, omdat de dood om de hoek bleef kijken. Of uit verhalen van mensen die met opgeheven hoofd en vol hart het uitgestippelde pad afliepen.

Vanmorgen kwam er troost uit onverwachte hoek. Ik las een artikel van de bekende Britse arts Richard Smith waarin mensen die dood gaan aan kanker worden afgeschilderd als enorme bofkonten. Hij vindt dat we moeten stoppen met het uitgeven van miljoenen om kanker te genezen. Je kunt volgens hem beter dood gaan aan kanker dan aan een hartinfarct of de ziekte van Alzheimer. Als je kanker hebt, kondigt de dood zich aan, zodat je in de laatste periode van je leven leuke dingen kunt doen, zoals het boek lezen dat al jaren op je staat te wachten, die ene reis maken waar je nooit aan toe bent gekomen, afscheid nemen van je naasten en je dierbaren.  

Richard Smith geeft toe dat het een romantische kijk op de dood is, maar is het daarom minder waar? In ieder geval kan het miljarden op de gezondheidszorg besparen.

Friday, December 26, 2014

Kerstschrik

Net een bezoek aan facebook gebracht en me kapot geschrokken van de felle reacties op een bericht van Vrouwen voor Vrede over gezinshereniging van vluchtelingen. Voor de reacties doopten een aantal vrouwen met nette dubbele naam hun pen in gal. Nou zou ik dat hier nooit vermelden als ik niet juist de laatste tijd meerdere keren heb gedacht dat de redding van de wereld misschien wel van vrouwen moet komen. In mijn omgeving ontmoet ik immers veel vreedzame redelijke vrouwen die tot verzoening bereid zijn en oproepen tot verdraagzaamheid. De meesten van hen zijn jong, goed opgeleid en hebben meerdere keren over de grenzen van ons land gekeken. Ik vermoed dat ze goed verdienen en de eindjes aan elkaar kunnen knopen. Zou dat het verschil zijn? In Nederland leven meer dan een miljoen mensen onder de armoedegrens. Die mensen willen er vermoedelijk ook graag bij horen en ik geef ze geen ongelijk. Misschien denken zij wel dat we met veel te veel zijn en dat er dus mensen weg moeten. Maar waarom dat dan met schuttingtaal en erger aangekondigd moet worden begrijp ik niet. Wie is er kortzichtig, zij of ik?

Saturday, December 20, 2014

Vertrouwen

Vertrouwen: Afgelopen week is het woord veelvuldig gebruikt in diverse betekenissen. "Vertrouwen in de politiek is heilig", orakelde de minister-president. Hij bedoelde daarmee helaas niet het vertrouwen van het volk in de politiek. Hij doelde op het vertrouwen van politici in elkaar en vooral van coalitiegenoten. De regering heeft afspraken gemaakt met de partners in het zorgveld en die moeten worden nagekomen. Daartoe draaide de coalitie het hele democratisch wetgevingsproces de nek om. Kennelijk leefde het vertrouwen bij de regering dat het wel goed zou komen. Op het binnenhof regeert immers fractiediscipline. Maar het kwam niet goed, omdat drie doorgewinterde senatoren zich niet lieten ringeloren.

Vertrouwen: Wat gebeurt er als je elkaar niet kunt vertrouwen. De meest gangbare definitie van vertrouwen omvat doorgaans de volgende elementen: Bereidheid van een persoon of groep om afhankelijk te zijn van de daden van een andere persoon of groep. Geloven dat een ander eerlijk is; Geloven dat iets goed zal gaan omdat de ander het belooft. Verwachting van een persoon dat degene die hij/zij vertrouwt zal handelen op een manier die hem/haar niet zal benadelen, met het risico in een nadelige positie te belanden indien de ander dit vertrouwen schaadt. Kortom: Vertrouwen is een van de pijlers waarop een beschaafde samenleving rust. Het vertrouwen dat de ander zich aan de regels houdt. Vertrouwen dat anderen de waarheid spreken. Vertrouwen dat de ander die iets belooft zal doen wat hij zegt. Iedere keer als ik mij op de weg begeef, verbaast me mijn vertrouwen in de andere weggebruikers. Een beetje achterdocht ken ik wel. Daarom vermijd ik meestal de middenbaan.

Om deel te kunnen nemen aan de samenleving moet je weten wat vertrouwen is. Daarom heeft oma Ger deze week haar kleinkinderen van bijna vijf en bijna vier de eerste beginselen bijgebracht onder het motto maak ze weerbaar. Het ging vrij eenvoudig. Je zegt het een en doet het tegenovergestelde. Youn van vijf beloofde zijn broertje dat hij de gebouwde toren met rust zou laten en gooide hem vervolgens om. Lachen joh. Vervolgens moest Sasha, het kleine broertje, beloven dat hij 's avonds zijn bord zou leegeten als hij nu van oma een lekker koekje kreeg. Hij beloofde het grif. Pas 's avonds toen hij aan zijn belofte werd gehouden verging het lachen hem.

Ook ik ben afgelopen periode een paar keer flink op mijn neus gevallen. Een jaar geleden werd er een grote knobbel in mijn borst gevonden. De artsen beloofden dat het goed zou komen, als ik me maar aan hun behandeling zou onderwerpen. "Vertrouwen mevrouw!" Dat heb ik gedaan. De aanval op de kwade cellen is ingezet met zware chemische middelen. Vervolgens is er het een en ander verwijderd. Mijn lijf protesteerde hevig. Voordat het de kans kreeg te herstellen moest ik aan de preventieve middelen die moeten voorkomen dat de kwade cellen weer actief worden. "Vertrouwen mevrouw!" zeiden de artsen. Maar garanties willen ze niet geven. Ik heb de afgelopen periode geleerd dat vertrouwen verschillende kanten heeft. Het vertrouwen in mezelf ben ik gelukkig niet kwijtgeraakt.

Sunday, December 14, 2014

Professionele distantie

"Goedemorgen, hoe gaat het met U?". Iedere morgen tussen negen en tien komt een verpleegkundige van de thuiszorg mijn wond verzorgen. Die wond is het vervelende gevolg van een forse chirurgische ingreep. Het is een diepe wond, die gespoeld moet worden om te voorkomen dat het weer een vruchtbare voedingsbodem voor bacteriën wordt. Meestal wacht ik op de rand van het bad op de wondverzorgster. Mijn partner opent de deur als de bel is gegaan. Vanmorgen probeerde ik te raden wie er was gekomen. Ik hoorde "Goedemorgen, hoe gaat het met U?" de vaste begroetingsboodschap. Kon ik de stem herkennen? Dat moest niet zo moeilijk zijn, want sinds ik word verzorgd door de thuiszorg, heb ik kennisgemaakt met zo'n vier verpleegkundigen, allemaal even deskundig en aardig.. Ik raadde verkeerd. Niet zo gek, bedacht ik me, want niet alleen is de boodschap hetzelfde, ook de stemmen lijken op elkaar. Vrolijke, vriendelijke vrouwenstemmen.
Mijn ervaring deelde ik. "Jullie leren dit zeker in de opleiding?' vroeg ik.
"Klopt," zei ze. "Je komt bij mensen die al genoeg met zichzelf te stellen hebben. Die willen dan wel iets vriendelijks horen."
Natuurlijk vroeg ik me af of dat voor mij ook geldt. In betere tijden ben ik niet zo gevoelig voor de stemming van anderen. Als het me ergert, zeg ik er iets van, maar meestal laat ik het. Nu is dat anders. Het zal ermee te maken hebben dat de ander heel dichtbij moet komen om me te helpen. Die kun je niet op afstand houden. Ik althans niet. Zij mij wel.

Monday, December 08, 2014

Terug van weggeweest

Bijna anderhalve maand heb ik dit weblog laten liggen. Voor wat er gebeurde had ik geen woorden. Een maand of negen geleden ben ik aan een lange reis begonnen. Ik wist toen niet waar die zou eindigen. Dat weet ik trouwens nog niet. Ik heb intussen veel avonturen beleefd, veel klippen omzeild, veel stormen geoogst. Ik heb het allemaal overleefd. Ik ben in wat rustiger vaarwater beland. Ik aarzel of ik mijn belevenissen wil delen. Er is genoeg groot leed in de wereld wat wij allemaal al moeten verwerken. Dit wordt dus niet het volgende leedverhaal. Maar wat wordt het wel? Ik zou een voorbeeld willen nemen aan Pieter Steinz die met zijn ziekte ALS langs de wereldliteratuur reist. Hij schrijft er moedige columns over in de NRC. Mijn leed is niet te vergelijken met het zijne, zoals leed eigenlijk nooit te vergelijken is. Leed bestaat op zichzelf en alleen wie het moet dragen weet wat het waard is. Pieter Steinz kan dus niet mijn voorbeeld zijn want ik ben hem niet en omgekeerd,

Maar toch wil ik iets met mijn ontdekking dat alles wat ik lees, hoor en zie een diepere dimensie en betekenis heeft gekregen. Alsof ik beter kijk, intenser luister en tijd neem om stil te staan. Ik ga het mooie en het zinnige koesteren, de rest gaat in mijn prullenmand.

Saturday, October 18, 2014

Gisteren was ik in een mistig Groeneveld

Gisteren was ik in een mistig Groeneveld. Daar doken plotseling twee figuren op die ik er niet meer had verwacht. Al bij het opdraaien van de parkeerplaats voelde ik hun aanwezigheid. Waar zijn we en wat gaan we doen? Zijn we hier al eerder geweest? Heel veel vragen. Net alsof we hier voor het eerst zijn. We parkeren de auto op een andere plaats. De figuren verdwijnen even, maar komen terug als we over het grind naar het nieuwe Grand Café lopen. De een wil niet over de kleine rommelige steentjes. Het neemt haar de grond onder de voeten weg, die ze zo hard nodig heeft. De ander draalt. Wat gaan we hier doen. Moeten we niet eerst wandelen en dan ...... Altijd weer de aarzeling als we keuzes moeten maken. Zal ze het fijn vinden? Ik ben gewend om goed naar haar te kijken. Vragen heeft geen zin.

Dit is allemaal lang geleden. Maar het is er nog. Dat is een geruststelling.

Wednesday, October 01, 2014

Rothko in het Gemeentemuseum

Wat ga ik ervan zeggen? De schilder gaf zijn latere werken geen titel, omdat hij de directe en onmiddellijke confrontatie tussen kijker en beeld niet wilde beïnvloeden. Het gaat hem niet om wat je moet zien, maar om wat je beleeft. Theorieën, uitleg, titels staan zo'n directe beleving in de weg. De eerste keer dat ik werk van Rothko zag, kwam het dichtstbij zo'n directe beleving. Het was in Tate Galery in London. Ik had nog nooit van Rothko gehoord, laat staan werk van hem gezien. Ik was nog een groentje in de moderne kunst. Ik was sprakeloos. Ik zag grote doeken met intense kleurvlakken die me overweldigden. Ik moest gaan zitten om het tot me door te laten dringen.

Sinds die eerste confrontatie hebben de beelden me niet meer losgelaten. Inmiddels heb ik veel gelezen over Rothko. Ik kan dus niet meer onbelast kijken. Maar gelukkig kan ik nog wel genieten. Ook nu weer in het Gemeentemuseum. De sfeer in het museum van Berlage helpt mee.



Dit is een van de grote zalen. Lastig om hier tot de intense beleving van het werk te komen. De tentoonstelling trekt veel bezoekers die allemaal hetzelfde willen. Gelukkig heeft het Gemeentemuseum een aantal nissen, die zo'n ervaring wel mogelijk maken. De nissen doen denken aan de cellen van de monniken in het San Marco klooster in Florence. Rothko ging daar op bezoek en zag de fresco's die Fra Angelico op de muren van de cellen had geschilderd met de bedoeling de directe toegang tot de goddelijke inspiratie te bevorderen.


Zo wilde Rothko de beleving van de toeschouwer bevorderen. In stilte kijken en genieten.

Friday, September 26, 2014

Verwarrende wereld, deel 2

Op 7 december 2009 schreef ik een blog over mijn verwarrende wereld. Die is er vier jaar later niet duidelijker op geworden, ondanks het toenemen der jaren. Ik heb me aangepast, lees mijn nieuws digitaal en zelfs voor boeken grijp ik regelmatig naar de e-reader. Tevergeefs heb ik met mijn deelname aan facebook getracht de wereld te doorgronden. Maar het heeft averechts gewerkt. Dus ga ik teleurgesteld terug naar oude tijden toen ik boeken las en gedichten,. toen ik goede films zag waarin het menselijk geheim wordt blootgelegd, ik concerten en theatervoorstellingen bezocht die me aan het denken zetten.

Het lijkt nu wel of er twee werelden bestaan: mijn kleine, eigen wereld van mooie verhalen, van aangrijpende kunstwerken, van mijn lieve vrienden. En de buitenwereld van gevaren, dreigende taal, korte lonten, opwinding, snel scoren. Soms ontmoeten die werelden elkaar en dan roepen ze opnieuw veel vragen op. Waarom gaan we nu Isis bestrijden met bommen, terwijl al jaren duidelijk is dat godsdienst extremisme een protest is tegen de ongelijkheid in de wereld. Waarom doen we daar niets aan, ja zelfs negeren we dat. Met bommen los je niets op. Dat zou Obama ook moeten weten. Waarom maken we elkaar bang met gruwelijke beelden, terwijl het allerergste is dat miljoenen mensen, vooral moeders en kinderen, van huis en haard zijn verdreven, honger en pijn lijden, wanhopig zijn. Waarom protesteren alle weldenkende mensen niet? Waarom denken wij nog steeds dat onze westerse ideologie superieur is? Waarom gebruiken wij onze kennis niet om met anderen te praten en anderen te overtuigen. Waarom besteden gevestigde media zo weinig aandacht aan tegenbewegingen? Ik zou graag antwoorden op die vragen willen geven. Maar ik raak de weg kwijt in mijn eigen verwarring.

Thursday, September 11, 2014

Thursday, September 04, 2014

Gerrit Kouwenaar is niet meer

Gisteren is op hoge leeftijd de dichter Gerrit Kouwenaar
overleden. Kouwenaar behoorde tot de Vijftigers evenals bijv.
Lucebert, Hugo Claus, Jan Hanlo. De Vijftigers hebben de
poëzie bevrijd uit conventies, regels e.d.

De taal behoort aan de vogels
ik ben te mens om te vliegen
ik sta als een huis op de wereld
gebouwd en dik uit aarde

ik ben ongeveer degene
die schuilgaat binnen de muren
en uitvloeit achter de ramen
van de blauwe achterkamer

het geurt er naar mest en naar liefde
er staat een plant in een kooi
de taal behoort aan de vogels
de mens schuilt weg in het woord -

-----------------------------------
uit: 'Gedichten 1948-1978', 1982.